Home
Welkom op de website van Munthandel G. Henzen. Via de navigatiebalk wordt u op eenvoudige wijze door onze website heengeleid. Als u op foto’s klikt verschijnt een uitvergroting. Bevalt een munt u, dan kunt u het bestellen door op ′Bestellen′ te klikken. De gewenste munt of munten worden verzameld op een bestelformulier. Is uw bestelling compleet, dan kunt u deze eenvoudig naar ons e-mailen. U krijgt dan van ons per e-mail een bevestiging toegezonden in de vorm van een factuur. Het bestelde wordt na ontvangst van betaling toegezonden.
Uiteraard is het ook mogelijk om ons, op afspraak, te bezoeken. U kunt dan hetgeen waarin u geïnteresseerd bent op ons kantoor bekijken.
Voor onze trouwe klanten geven we ook regelmatig rijk geïllustreerde prijslijsten uit met speciale aanbiedingen. Bij uw bestelling kunt u aangeven of u deze prijslijsten wilt ontvangen.
Wij wensen u veel plezier bij het bekijken van onze website en wij hopen dat er iets van uw gading bij zal zitten.
Gijs Henzen
Actualiteiten en historische feiten die wij graag onder de aandacht brengen:
Op 7 juni hebben Israëlische terroristen van de IDF een Palestijnse baby vermoord door het door het hoofd te schieten. Deze soldaat krijgt waarschijnlijk een lintje voor zijn heldhaftige verdiensten. Het vond plaats in de bezette Westelijke Jordaan oever. De ouders raakten ook gewond, maar hebben deze terroristische moordaanslag overleefd. Dat was waarschijnlijk niet de bedoeling. Ter compensatie hebben de Israëlische terroristen van de IDF vervolgens diezelfde dag nog wat bommen gegooid op onschuldige Palestijnen in de Gazastrook, met 7 doden tot gevolg. Hebben ze die dag toch hun quota weer gehaald. Als reden geven ze altijd dat het om Hamasstrijders gaat, ook als het vrouwen, bejaarden en baby′s betreft. Maar Israël is tot op heden nog nooit betrapt op het vertellen van de waarheid. Morgen gaan ze weer verder met hun genocide en Europa en de VS doen niets. Wat is het toch een wreed en moordzuchtig tuig. Welke idioten steunen dit satanische land ........?
BRAVO IRAN ! Anders dan de VS en de EU bekommert Iran zich wel om het lot van de onschuldige Libanese bevolking, die wordt uitgemoord en verdreven uit Zuid-Libanon door de Israëlische terroristen en doodseskaders. Waar blijft Nederland met zijn veroordelingen en eisen richting Israël ?, en de EU, en de VS ? Nederland en de EU hebben altijd de mond vol over mensenrechten, behalve als het om de terreurstaat Israël gaat. Erg geloofwaardig zijn we niet meer, wel hypocriet....
COLLECTIEVE VERANTWOORDELIJKHEID
De genocide op de Palestijnen door de terreurstaat Israël gaat onverminderd door. Voedsel en hulpmiddelen worden nog steeds op grote schaal aan de inwoners van Gaza onthouden. Er is geen wederopbouw en het leefgebied van de Gazanen wordt steeds verder ingeperkt, zonder enige verbetering in de leefomstandigheden. Israël heeft maar een doel: de Palestijnen moeten weg uit de Gazastrook. Dood of levend, dat interesseert Israël niet. Palestijnen passen niet binnen het narratief van een "Groot Israël", dat het zionistische regime van Israël nastreeft. Het is een zelfzuchtig, egoïstisch, satanisch, racistisch en moordzuchtig land zonder enige compassie; geen haar beter dan de Sovjet-Unie van Stalin, het Rusland van Putin of het regime in Nazi-Duitsland.
Ook het straffeloos moorden op de Westelijke Jordaanoever en het stelen van Palestijns grondgebied gaat onverminderd door. Het enige wat Nederland doet is streven naar een verbod op invoer van goederen uit de illegale Israëlische nederzettingen. Iets wat per definitie al zo had moeten zijn, immers illegaal, dus een wassen neus. Blijkbaar vindt Nederland de genocide op de Palestijnen, de oorlogsmisdaden en de landdiefstal in Libanon, de illegale oorlog tegen Iran, piraterij en het voortdurend schenden van het zeerecht, het vernietigen en blokkeren van de haven van Gaza, het mishandelen en vermoorden van onschuldige hulpverleners en journalisten, de talloze martelingen, moorden en verkrachtingen in de Israëlisch martelkampen niet ernstig genoeg, anders had Nederland wel een volledige boycot van Israëlische goederen en culturele uitwisselingen ingesteld. Hoeveel erger moet het nog worden voordat Nederland wel eens een keer actie onderneemt ? Het boycotten van de invoer van sinaasappels e.d. uit de illegale nederzettingen is natuurlijk een lachertje. Dat raakt Israël niet. Volgens cijfers van het IMF en Eurostat is de Europese Unie de grootste investeerder in Israël. Binnen de EU is Nederland de absolute koploper. In 2023 ging er volgens sommige schattingen zo′n 49 miljard euro vanuit Nederland naar Israël. Hoezo kan Nederland niets doen ? Nederland kan heel veel doen ! Net als bij Rusland dient het volstrekt verboden te worden te investeren in Israël, geen cent. Dat heeft werkelijk effect. Maar Nederland verschuild zich steeds achter de onzinredenering dat Nederland zelfstandig niets kan doen en dat dit alleen in Europees verband kan. Totale hypocriete bullshit ! Bovendien zijn er binnen Europa nog steeds landen die de racistische apartheidsstaat Israël nog altijd de hand boven het hoofd houden, zodat serieuze Europese sancties richting Israël geen kans krijgen. Met name Duitsland speelt daarbij een buitengewoon kwalijke rol, gestoeld op valse loyaliteit richting Israël. Onbegrijpelijk dat een land die zo′n prominente rol heeft gespeeld in de genocide op de Joden, nu weer opnieuw een land steunt dat genocide op grote schaal pleegt, thans op de Palestijnen. Totaal verwerpelijk beleid ! Niemand is de Zionistische moordenaars van Israël ook maar iets verschuldigd, zeker Duitsland niet. Israël is een racistische creatie van kolonisten uit Europa, waarbij men een staat heeft gesticht op gestolen land van de Palestijnen d.m.v. het vermoorden en verdrijven van de Palestijnen. De genocide op de Palestijnen is reeds begonnen met de Nakba van 1947/1948 en duurt tot aan de dag van vandaag voort. Zo liggen de feiten.....
Hoe is het toch mogelijk dat er nog steeds mensen zijn die nog enige sympathie hebben voor Israël. Als er nog Christenen zijn die Israël steunen, dan hebben zij weinig begrepen van het Christendom en het Jodendom. Het moderne Israël heeft maar weinig met het religieuze Jodendom te maken of het Bijbelse Israël en is daar zelfs mee in strijd. Er bestaan maar weinig landen die zo wreed en moordzuchtig zijn als deze racistische Apartheidsstaat van Europese kolonisten (zgn. Zionisten). Ze hebben nu weer een nieuwe racistische wet bedacht, zodat ze de Palestijnen volgens hun corrupte wetgeving kunnen vermoorden. Men moet zich daarbij bedenken dat er ook vele duizenden Palestijnen in Israëlische gevangenissen zitten zonder dat daar een rechtmatige reden voor is. Ze zijn gewoon willekeurig opgepakt omdat de Israëli′s dat nu eenmaal kunnen. Er is niemand die ze daartoe belemmerd. Palestijnen zijn in Israël volstrekt rechteloos. Verkrachtingen en martelingen zijn aan de orde van de dag en bekentenissen in die omstandigheden hebben dan ook geen enkele rechtsgeldigheid, maar het kan onschuldige Palestijnen straks wel de kop kosten. Israël heeft haar pijlen nu ook gericht op Libanon waar, net als bij Gaza, onschuldige burgers uit hun dorpen en huizen worden verdreven of vermoord. Dit alles in het kader van de vorming van een ″groot Israël″, een idiote gedachte van godsdienstwaanzinnigen die momenteel het beleid in Israël bepalen. Genocide, massamoorden, martelingen, verkrachtingen, diefstal van land en bezit, uithongering, sadisme, Israël brengt dit alles op grote schaal in praktijk en de internationale gemeenschap doet niets. Waarom economische sancties voor Rusland en Iran en niet voor Israël ? Israël is minstens zo misdadig, niet een paar jaar maar al vanaf haar ontstaan in 1948. Israël is een totaal mislukt project dat nooit in deze vorm had mogen bestaan. Wat en wie heeft de Zionisten, kolonisten uit Europa, het recht gegeven om het land en de huizen te stelen van de Palestijnse bevolking ?, de rechtmatige bewoners van Palestina. Het Zionisme is de grootste oorzaak van het huidige antisemitisme. Antisemitisme moet ten alle tijde worden bestreden en daarmee dus ook het Zionisme. Feitelijk is de vorming van de staat Israël met al haar misdaden een trap na voor alle slachtoffers van de Shoah. Immers, de staat Israël doet precies hetzelfde als het Naziregime, alleen zijn nu de Palestijnen het slachtoffer. De joodse slachtsoffers van de Shoah draaien zich om in hun graf ! Ze worden opnieuw vernederd, thans door de Zionisten. Bovendien is Israël een voortdurende bedreiging voor het hele Midden-Oosten. Deze satellietstaat van Europa en de VS hoort daar niet en is een kwaadaardig gezwel voor de regio. Pas als Israël wordt gedekoloniseerd en ontmanteld kan er een langdurige vrede zijn in die regio, eerder niet. Een twee-staten-oplossing is een volstrekte utopie omdat van een gelijkwaardige en rechtvaardige verdeling van land en goed nooit sprake is geweest en zal zijn. Israël had om die reden nooit als staat erkent mogen worden. Het is moordzuchtig, racistisch en het bevorderd het antisemitisme. Dat was een grote vergissing. Palestina kan het tehuis zijn voor de oorspronkelijke bewoners van deze regio, zoals Palestijnen, Christenen en Arabische Joden. Die hebben daar zo′n 2000 jaar in vrede samen geleefd, totdat Europese kolonisten, met name Ashkenazi Joden uit Oost-Europa, die hegemonie totaal verstoorden en in 1948 een racistische Apartheidsstaat stichtten en dood en verderf zaaiden in de wijde regio......
Israël is een totaal genocidale maatschappij, gesteund door het overgrote deel van de Israëlische bevolking, niet te verwarren met de Joden. Het Zionisme heeft niets te maken met het Jodendom. Het Zionisme is een nationalistische beweging dat haar oorsprong heeft in de 19e eeuw en het Jodendom misbruikt voor haar racistische en genocidale doelstellingen. Het overgrote deel van de Israëlische bevolking steunt het Zionisme en het terroristische apartheidsregime van Netanyahu en vindt alle gruwelijke misdaden die daarmee gepaard gaan eigenlijk wel gerechtvaardigd. Het is een volk dat blind is voor haar misdaden en zich verheven voelt boven de Palestijnen en Arabische (semitische) volkeren uit de regio. Dat is helaas de ware aard van Israël en veel van haar huidige bewoners (niet te verwarren met het ″Volk van God″ uit de Bijbel). Het is dan ook een collectieve Israëlische verantwoordelijkheid, waarvoor men zich vroeg of laat zal moeten verantwoorden. Een zware gemeenschappelijke en eeuwige last, waarbij men in de huidige mediamaatschappij dit keer niet kan zeggen ″wir haben es nicht gewust″......
https://www.youtube.com/watch?v=211f_Z5KYy8
Het is een taak van een ieder, ongeacht beroep, status of maatschappelijke positie, zich uit te spreken tegen de moordenaars en onderdrukkers van deze wereld, Of het nu om Trump, Putin, Netanyahu of Xi Jinping gaat. Zodra we zwijgen geven we hen vrijbaan en zijn we uiteindelijk allemaal slachtoffer. Wat is een mens zonder menselijkheid, rechtvaardigheid en mededogen ? Wees geen lafaard maar spreek u uit tegen onrecht!
Veel Nederlanders hebben zich in 1940-1945 niet of te weinig verzet tegen de genocide op de Joden. Thans gebeurt dit met de Palestijnen en Libanezen. Maak niet dezelfde fout; BLIJF NIET STILZITTEN EN KOM IN ACTIE TEGEN DIT GROTE ONRECHT:
STEUN : https://rightsforum.org
Zoeken op productnaam
Maandaanbieding
Nieuwe aanwinsten
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - Leeuwendaalder 1639, Zwolle
gewicht 26,86gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester: Hendrik Wijntgens munt- of muntmeesterteken: geen
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapen van Hollandn binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; •MO•ARG•PRO•CON• – •FOE•BELG•TRAN kz. Klimmende leeuw naar links binnen een parelcirkel, daarboven 1639, omringd door de tekst; :CONFIDENS•DNO•NON•MOVETV•
Delmonte 856 ; Verkade 139.3 ; HNPM.37 ; CNM.2.38.63 ; Davenport 4860 De gebruikelijke slordige slag met zwaktes. fr/zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Zilveren dukaat 1787, Middelburg
gewicht 27,93gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester: Martinus Holtzhey jr. muntteken: burcht muntmeesterteken: twee sterren
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand, in zijn linkerhand houdt hij het gekroonde provinciewapen, dat voor hem is geplaatst, aan een dubbel gelust koord, omringd door de tekst; ♖MON:NOV:ARG:PRO:CONFOED:BELG:COM:ZEL• kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door het jaartal 17 - 87, daarboven ✶ ✶, omringd door de tekst: CONCORDIA RES PARVÆ CRESCUNT•
Minieme zwaktes van de slag, doch nauwelijks gecirculeerd prachtexemplaar met fijne details.
Delmonte 976 ; Verkade 87.1 ; HNPM.50 ; CNM.2.49.50 ; Beuth 1787 (JMP.1955, pag.69) ; Davenport 1848 pr/unc |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Zilveren dukaat 1738/7, Middelburg
gewicht 27,96gr. ; zilver Ø 43mm. muntmeester: Pieter Kappeyne muntteken: burcht muntmeesterversiering: drie zespuntige sterren
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand, in zijn linkerhand houdt hij het gekroonde provinciewapen dat voor hem is geplaatst, aan een dubbel gelust koord, omringd door de tekst; ♖MO•NO•ARG•PRO•CON•FOE•BELG•COM•ZEEL kz. Gekroond generaliteitswapen geflankeerd door het jaartal I7 - 38, daarboven ✶ ✶ ✶, omringd door de tekst: CONCORDIA•RES•PARVÆ•CRESCUNT•
Het jaartal 1738 is gewijzigd uit 1737. Zeer zeldzaam.
Delmonte 976suppl. (R2) ; Verkade 87.1var. ; HNPM.50 ; CNM.2.49.50 ; Beuth 1738a (R3) ; Davenport 1848 RR
Gedeeltelijk zwak geslagen, doch weinig gecirculeerd exemplaar met nog enige stempelglans. zfr/pr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - ½ Leeuwendaalder 1615, Middelburg
gewicht 13,39gr. ; zilver Ø 34mm. muntmeester: Balthasar van der Voorde muntteken: burcht
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; •MO•ARG•PRO•CON – FOE•BELG•ZEL♖ kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; •CONFIDENS•DNO•NON•MOVETVR• I6I5
Delmonte 876 (R3) ; Verkade 88.2 ; HNPM.31 ; CNM.2.49.42 RRR Gebruikelijke zwaktes van de slag, doch voor dit munttype een net exemplaar. Uiterst zeldzaam. zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Leeuwendaalder op Zeeuwse muntvoet 1599, Middelburg
gewicht 27,15gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester: Jacob Boreel muntteken: burcht
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Zeeland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst welke aan de onderzijde geflankeerd wordt door het jaartal I5 - 99, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; x MOxNOxARGx - xORDINxZELx kz. Uit de golven rijzende klimmende leeuw binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; xDOMINExSERVAxNOSxPERIMVSx ♖
Naar aanleiding van het opnieuw toestaan van de leeuwendaalder werd in Zeeland een nieuwe beeldenaar aangenomen. Had men in 1589 nog getwijfeld in hoeverre de Hollandse opschriften na te volgen, nu koos men voor geheel eigen opschriften zoals de resolutie van 28 juni 1597 dat had voorgeschreven: op de keerzijde verdween de Hollandse spreuk ′Confidens domino non movetur′ (wie op de Heer vertrouwt, wankelt niet) en werd vervangen voor ′Domine serva nos perimus′. (Heer help ons, wij vergaan !). Bovendien kwam in de plaats van de klimmende leeuw, de zwemmende leeuw uit het Zeeuws wapen. Verder werd op de voorzijde nu niet meer vermeld dat het om een munt ′naar Hollandse waarde′ ging. Dit leidde tot protesten van Holland. De productie van dit munttype bleef derhalve beperkt tot de jaren 1597,1598 en 1599. Het laatste jaar is verreweg de schaarste van de drie.
Delmonte 838 ; Verkade 87.5 ; HNPM.28 ; CNM.2.49.39 ; Davenport 8870 R Kleine zwaktes van de slag. Zeldzaam. zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - FRIESLAND - Leeuwendaalder 1609, Leeuwarden
gewicht 27,19gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester: Willem van Vierssen munt- of muntmeesterteken: geen
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO - CONFOE•BEL•FR• kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, daarboven I609, omringd door de tekst; •CONFIDENS•DNO•NON•MOVET•
Delmonte geeft Friese leeuwendaalders uit de periode 1606-1617 allemaal de zeldzaamheidesgraad R1. Dit doet geen recht aan de feitelijke zeldzaamheid van de individuele jaren. Zo komen jaren als 1607, 1608, 1610, 1611 regelmatig voor in de handel, maar dat geldt zeker niet voor jaren als 1609, 1612 en 1613. Dit is eerste keer sinds 35 jaar dat ik het jaartal 1609 verhandel. Uiterst zeldzaam.
Delmonte 852 ; Verkade 124.4 ; HNPM.24 ; CNM.2.16.45 ; Jasek 33D ; Davenport 4853 RRR zwaktes van de slag zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - GELDERLAND - Leeuwendaalder 1638, Harderwijk
gewicht 26,51gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester: Johan Wijntgens muntteken / muntmeesterteken: geen
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; • MO•ARG•PRO•CO - NFOE•BEL•GEL• kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, daarboven I638, omringd door de tekst; •CONFIDENS•DNO•NON•MOVETR •⋮•
Delmonte 825 ; Verkade 11.1 ; de Voogt- ; HNPM.56 ; CNM.2.17.107 ; Pannekeet GEL.76 (R2) ; Davenport 4849 S grove slag met zwaktes zfr- |
|
|  |
 |
 |
VALENS, 364-378 - AV Solidus, Kyzikus (364-365)
weight 4,35gr. ; gold Ø 21mm. Officina 3
obv. Pearl-diademed bust of Valens right, wearing cuirass and paludamentum surrounded by the legend; DN VALEN - S P F AVG rev. Valens standing facing, head right, holding labarum in right hand and Victory on globe in left, in exergue SMKΓ, surrounded by the legend; RESTITVTOR REIPVBLICAE
The phrase Restitutor Reipublicae presents the emperor as the savior or stabilizer of the Roman state, implying that he brought order, security, or stability back to the Res Publica (the state/republic) after a period of crisis, instability, or conflict. It was used as a propaganda tool on both gold coins (solidi) and base metal coins to bolster the legitimacy of the emperor. Coins with this inscription frequently show the emperor standing, holding a labarum (a military standard with the Chi-Rho monogram) and a Victory on a globe, highlighting the fusion of military power and Christian legitimacy popular in that period. This legend is strongly associated with the House of Valentinian (Valentinian I and his brother Valens, r. 364–378 AD) and the usurper Magnus Maximus.
Cohen 32 ; RIC 2d (R3) ; Depeyrot page 271, 4/4 ; Sear 19557 RR Some minor graffiti. Very rare. vf |
|
|  |
 |
 |
ROMAN IMPERATORS - QUINTUS CAECILIUS METELLUS PIUS CORNELIANUS SCIPIO NASICA, IMPERATOR 49-46 BC & MARCUS EPPIUS - AR Denarius, traveling military mint in North-Africa (47-46 BC)
weight 3,92gr. ; silver Ø 17mm.
obv. Laureate head of Africa right, clad in elephant′s skin, ear of corn before, plough below, Q•METELL on right, SCIPIO IMP on left rev. Naked Herakles standing facing, his right hand on hip, left resting on club draped with lion’s skin and set on rock, EPPIVS on right, LEG•F•C on left
Metellus Scipio was born round 100 BC as Publius Cornelius Scipio Nasica. His grandfather was the P. Cornelius Scipio Nasica Serapio who was consul in 111 BC; his father Publius Cornelius Scipio Nasica (born 128 BC) married Licinia Crassa, daughter of the L. Licinius Crassus who was consul in 95 BC. The father died not long after his praetorship (circa 93 BC), and was survived by two sons and two daughters. The brother was adopted by their grandfather Crassus, but left little mark on history. Publius Scipio, as he was referred to in contemporary sources early in his life, was adopted in adulthood through the testament of Quintus Caecilius Metellus Pius, consul in 80 BC and pontifex maximus. He retained his patrician status: this legal process constitutes adoption only in a loose sense; Scipio becomes a Caecilius Metellus in name while inheriting the estate of Metellus Pius, but was never his "son" while the pontifex maximus was alive. He was called "Metellus Scipio" but also sometimes just "Scipio" even after his adoption. The official form of his name as evidenced in a decree of the senate was "Q. Caecilius Q. f. Fab. Metellus Scipio."
Metellus Scipio has been listed as tribune of the plebs in 59, but his patrician status argues against his holding the office. It is possible that Scipio′s ′adoption′ into a plebeian gens may have qualified him for a tribunate on a technicality. He was possibly curule aedile in 57 BC, when he presented funeral games in honor of his adopted father′s death six years earlier. He was praetor, most likely in 55 BC, during the second joint consulship of Pompeius and Marcus Crassus. In 53 BC, he was interrex with M. Valerius Messalla. He became consul with Pompeius in 52 BC. Quintus Caecilius Metellus Pius Scipio′s connection by marriage to Pompey the Great earned him the consulship in 52 BC, with the price that he target Julius Caesar through actions in the Senate. As a result, Scipio introduced legislation calling for Caesar to relinquish his command in Gaul and to disband his legions. Caesar ignored the demand and when he crossed the Rubicon in January of 49. By ignoring the ultimatum, Caesar made war inevitable. Scipio fled with Pompey.
That same year, he became proconsul of the province of Syria. In Syria and in the province of Asia, where he took up winter quarters, he used often oppressive means to gather ships, troops, and money: He put a per capita tax on slaves and children; he taxed columns, doors, grain, soldiers, weaponry, oarsmen, and machinery; if a name could be found for a thing, that was seen as sufficient for making money from it.
In 48 BC, he brought his forces from Asia to Greece, where he maneuvered against Gn. Domitius Calvinus and L. Cassius until the arrival of Pompeius. At the Battle of Pharsalus, he commanded the center. After the optimates′ defeat by Caesar, Metellus fled to Africa. With the support of his former rival-in-romance Cato, he wrested the chief command of Pompeius′s forces from the loyal Attius Varus, probably in early 47. This coin was struck during Scipio′s African campaign to pay the soldiers under his command. Quintus Metellus Pius Scipio, despite his illustrious name and the battlefield of Africa (upon which a Scipione was reputedly unbeatable), was just as doomed as the cause he fought for. Shortly after this issue was struck, he held command at the Battle of Thapsus (6 April 46 BC) "without skill or success," and was defeated along with Cato. After the defeat he tried to escape to the Iberian Peninsula to continue the fight, but was cornered by the fleet of Publius Sittius. He committed suicide by stabbing himself so he would not fall at the hands of his enemies. The Battle of Tapsus ended with the total rout of the Pompeians.
The legate Marcus Eppius was a prominent supporter of the Pompeian cause from the time of the outbreak of the civil war in 49 BC. His title ′LEF F C′ is of special interest as it occurs nowhere else on the coinage. The most likely expansion of the abbrevation is ′legatus fisci castrensis′ (′legate of the camp treasury′), which would imply that the mint was a military one. This ′series′ is described as ′crude′. The styling generating statements that..."Scipio must have had difficulty securing talented engravers as this type is typically crudely stylized..." The annoyed expression on Hercules face and his hand on hip stance seem to suggest either the engraver, the ′deity′ or the ′moneyers′ had some significant ′transgender′ issues. Eppius survived Thapsus and we shall meet him again striking for Sextus Pompeius in Spain in 45/44 BC. Eppius survived Thapsus and we shall meet him again striking for Sextus Pompeius in Spain in 45/44 BC.
cf. NAC auction 63, lot 380 (in xf+ ; SFR 8.500 + 17,5%) Crawford 461/1 ; Sydenham 1051 ; Babelon Caecilia 50 ; BMCRR Africa 10 ; CRI.44 ; Albert 1406 ; Sear 1380 R Very attractive example with wonderful toning. vf/xf à xf- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - HEERLIJKHEID OVERIJSSEL - PHILIPS II, 1555-1581 - Philipsdaalder 1563, Hasselt
gewicht 31,25gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester Floris Florisz. muntteken kruis
vz. Geharnast en gedrapeerd borstbeeld van Philips II naar links, daaronder 15 ✠ 63, omringd door de tekst; •PHS•DEI•G•HISP•Z•REX•D•TRS•ISSV• kz. Gekroond Spaans-Bourgondisch wapen rustend op Bourgondisch stokkenkruis, geflankeerd door twee Bourgondische vuurstalen met afspattende vonken, aan de onderzijde de ramsvacht hangend, kleinood van de Orde van het Gulden Vlies, omringd door de tekst; DOMINVS•MIC - HI•ADIVTOR ✠
Dit munttype van de Bourgondische Nederlanden werd in 1557 ingevoerd met de officiële benaming van ′halve zilveren reaal′ , uitgegeven op koers van 35 stuiver, gelijk aan de halve gouden reaal. Later zou de koers oplopen tot 50 stuiver. In de volksmond stond dit munttype al spoedig bekend als Philipsdaalder. Vanaf 1562 werden ook de onderdelen ½, 1/5 , 1/10, 1/20 en 1/40 Philipsdaalder ingevoerd.
Dominus Mihi Adiutor; ″de Heer is mijn helper″. was de lijfspreuk van de streng katholiek gelovige Philips II.
This type of coin from the Burgundian Netherlands was introduced in 1557 with the official designation of ′half silver real′, issued at a rate of 35 stuivers, equal to the half gold real. Later, the rate would rise to 50 stuivers. In popular parlance, this type of coin soon became known as the Philipsdaalder. From 1562, the denominations ½, 1/5, 1/10, 1/20, and 1/40 Philipsdaalder were also introduced.
Dominus Mihi Adiutor; ″the Lord is my helper″ was the motto of the firm catholic believer Philips II.
Delmonte 49 ; van der Chijs XVIII, 6 ; van Gelder en Hoc 210-17b ; CNM.2.38.3 ; Vanhoudt 267.HS ; Davenport 8514 R zwaktes van de slag. fr/zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - HOLLAND - ½ Leeuwendaalder 1577, Dordrecht
gewicht 12,78gr. ; zilver Ø 36mm. muntmeester: Rochus Grijp of Cornelis de Vries muntteken: roos ✿ stempelsnijder: Gerard van Bylaer
vz. Geharnaste en gehelmde ridder, met baard, staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst welke aan de onderzijde geflankeerd wordt door het jaartal I5 - 77, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; ✿ MO⋆NO⋆ARG⋆ – ⋆ORDIN⋆HOL kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; CONFIDENS✿DNO⋆NON⋆MOVETVR ✿ ✿ ⋆
♦ Het betreft hier de allereerste ½ leeuwendaalder ♦
♦ It concerns here the very first ½ liondaalder ♦
Delmonte 870 ; Verkade 48.4 ; HNPM.23 ; CNM.2.28.67 S Kleine zwaktes van de slag en grote slagbarst waardoor ook een stukje van de munt ontbreekt. Schaars. zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - HOLLAND - Leeuwendaalder 1576, Dordrecht
gewicht 27,01gr. ; zilver Ø 39mm. muntmeester: Rochus Grijp muntteken: roos ❀ stempelsnijder: Gerard van Bylaer
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, met baard, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst welke aan de onderzijde geflankeerd wordt door het jaartal I5 - 76, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; x MOxNOxARGx – xORDINxHOLx kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; xCONFIDENSxDNOxNONxMOVETVRx ❀
Het betreft hier een leeuwendaalder van het derde type, met de ridder naar rechts kijkend over zijn schouder. De leeuwendaalder werd in 1575 ingevoerd, als eerste grote zilverstuk van de opstandige Nederlanden. Het werd uitgegeven op een koers van 32 stuiver, gelijk aan de Bourgondische kruisrijksdaalder. Deze koers was feitelijk te hoog, daar de leeuwendaalder zo′n 16% minder zilver bevatte dan de Bourgondische kruisrijksdaalder. Dit koersverschil diende tot het spekken van de kas voor oorlogsvoering tegen Spanje. In de loop van 1576 werd het eerste type vervangen door een tweede type, dat al duidelijk beter was uitgevoerd qua beeldenaar. Ook de vervaardiging is beter, alhoewel ook deze stukken nog vaak erg zwak werden uitgemunt. Blijkbaar nog altijd ontevreden over het eindresultaat werd besloten de kundige stempelsnijder Gerard van Bylaer opdracht te geven tot het vervaardigen van geheel nieuwe stempels voor de leeuwendaalder, hetgeen resulteerde in het derde type. Thans veel fijner en stilistisch beter van snit. Ook in de uitvoering van de muntslag zien we grote verbetering, waardoor de stukken veel scherper van slag waren. De stukken van het eerste type, zonder jaartal ent 1575, zien we maar hoogst sporadisch, die van het tweede type uit 1576 komen al wat vaker voor en die van het derde type zien we veelvuldig in de handel en collecties.
variant: de I en N in ORDIN zijn op merkwaardige manier met elkaar verbonden. Deze variant heb ik nooit eerder gesignaleerd en ken ik ook niet uit de naslagwerken. Als zodanig zeer zeldzaam.
Delmonte 831 ; Verkade 48.3 ; HNPM.22 ; CNM.2.28.66 ; Davenport 8838 kleine zwaktes van de slag zfr- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1787, Utrecht
gewicht 3,50gr. ; goud Ø 21,5mm. muntmeester: Johan Sebastiaan van Naamen muntteken: stadsschildje van Utrecht
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 87, omringd door de tekst; CONCORDIA RES - PAR•CRES•TRA• stadsschildje kz. Enkelvoudig gelijnd vierkant met bladversieringen op de hoeken en blad- en schelpdecoraties aan de zijden met daarbinnen tekst in 5 regels; MO:ORD: / PROVIN: / FOEDER: / BELG•AD / LEG•IMP.
Delmonte registreerde destijds (1964) slechts 1 exemplaar van dit jaart, welke zich bevond in de collectie van de Nederlandsche Bank. Inmiddels zijn meerdere exemplaren op de markt gekomen en is de zeldzaamheidsgraad R3 (uiterst zeldzaam) achterhaald. Maar nog altijd is het geen veel voorkomend jaartal. Zeer zeldzaam.
At the time (1964), Delmonte registered only 1 specimen of this year, which was in the collection of De Nederlandsche Bank (The Dutch Bank in Amsterdam). Since then, several more have come onto the market, and the R3 (extremely rare) rarity rating has been surpassed. However, it is still not a common vintage. Very rare.
Delmonte 965 (R3) ; Verkade 98.4 ; van der Wiel 179 (JMP.1975-1977) ; HNPM.27 ; CNM.2.43.46 ; Friedberg 285 RR zfr/pr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1790, Utrecht - EIGENTIJDSE IMITATIE (RUSLAND / RUSSIA?)
gewicht 3,56gr. ; goud Ø 22mm. gladde rand (i.p.v. kabelrand) muntteken : grote stip boven kleinere stip (i.p.v. van stadsschildje van Utrecht met stip daaronder)
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 90, omringd door de tekst; CONCORDIA RES - PAR•CRES•TRA: kz. Enkelvoudig gelijnd vierkant met bladversieringen op de hoeken en blad- en schelpdecoraties aan de zijden met daarbinnen tekst in 5 regels; MO:ORD: / PROVIN: / FOEDER: / BELG•AD / LEG•IMP. Het betreft hier een eigentijdse imitatie, hoogst waarschijnlijk van Russische oorsprong. Vanwege de Oostzeehandel (o.a. graan) werden Nederlandse gouden en zilveren muntstukken gebruikt voor de betalingen. Daarbij was de gouden Nederlandse dukaat zeer vertrouwd en geliefd bij de Russen. Zo geliefd dat er soms tekorten ontstonden en de Russische autoriteiten besloten die tekorten aan te vullen door zelf gouden dukaten te gaan slaan van het Nederlandse type. Door kleine afwijkingen in o.a. stijl, details en gewicht zijn die imitaties te onderscheiden van de authentieke Nederlandse stukken. Dit exemplaar is afwijkend van stijl en heeft een gladde rand i.p.v. de gebruikelijke kabelrand. Interessant en zeldzaam.
This is a contemporary imitation, most likely of Russian origin. Due to the Baltic Sea trade (including grain), Dutch gold and silver coins were used for payments. In addition, the golden Dutch ducat was very familiar and loved by the Russians. So popular that shortages sometimes arose and the Russian authorities decided to supplement these shortages by minting gold ducats of the Dutch type themselves. These imitations can be distinguished from authentic Dutch pieces by slight variations in style, detail, and weight. This example differs in style and has a smooth edge instead of the usual cable edge. Interesting and rare.
vgl. Delmonte 965 ; vgl. Verkade 98.4 ; vgl. HNPM.27 ; vgl. van der Wiel 182 (JMP.1975-1977) ; vgl. CNM.2.43.46 ; vgl. Friedberg 285 R zfr
|
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1729 van VOC-schip ′t Vliegent Hart
gewicht 3,43gr. ; goud Ø 22mm. muntteken stadsschildje van Utrecht. muntmeester Siberius van Romondt muntmeesterteken roosje (tussen benen)
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 29, roosje tussen de benen, omringd door de tekst; CONCORDIA RES - PAR - VÆ CRES TRA - stadsschildje kz. Enkelvoudig gelijnd vierkant met krulversieringen een elk der vier zijden, met daarbinnen de tekst in 5 regels; MO ORD / PROVIN / FOEDER / BELG AD / LEG IMP
In de periode 1719 tot 1738 werden de muntstempels voor Utrecht vervaardigd door stempelsnijder Roelof van Cuylenburgh. Hij was niet de meest begenadigde stempelsnijder. Hij hanteerde een vrij grove, slordige en weinig vloeiende stijl. In veel gevallen zijn interpuncties in de teksten niet of gebrekkig aanwezig. Dit geldt ook voor de gouden dukaten van 1729, waarbij de ridder erg ″houterig″ overkomt en waarbij iedere interpunctie achterwege is gelaten.
Afkomstig uit VOC-schip ’t Vliegent Hart’ (lees Hert), welke op de avond van 3 februari 1735 voor de Zeeuwse kust ten onder ging nadat het om 2 uur in de middag de rede van Rammekens had verlaten met de bestemming Batavia. Het was die avond op een zandbank gelopen en lek geslagen. De naam was waarschijnlijk bedacht door de burgemeester van Vlissingen, Johan van Buytenhem, die o.a. een hert in zijn familiewapen voerde. Het werd gebouwd in opdracht van de ″Kamer van Zeeland″ op de korendijkwerf te Middelburg. De lengte was 43,70 meter, de breedte 10,90 meter en het was uitgerust met 42 kanonnen. Er waren 256 personen aan boord w.o. 83 soldaten en 6 burgerpassagiers w.o. de befaamde advocaat Jan Douw, die te Batavia een betrekking aan het gerechtshof zou gaan vervullen. Alle kwamen om. Aan boord waren 3 schatkisten met 31800 gulden aan gouden munten en 35012 gulden aan zilveren munten. In 1982 werd een groot deel van deze lading geborgen. Deze munt wordt geleverd met certificaat.
Highly interesting gold ducat from VOC-Ship wreck ′t Vliegent Hart, which sank on the evening of 3 February 1735 for the coast of Zeeland (Netherlands). This ducat has never been in circulation and is nearly as struck. This coin comes with certificate.
Gebruikelijke zwaktes van de slag, doch feitelijk vrijwel zoals geslagen.
Usual crude strike with weaknesses, but virtually nearly as struck.
Delmonte 965 ; Verkade 98.4 ; HNPM.25 ; CNM.2.43.45 ; van der Wiel 126 (JMP.1975-1977) ; Friedberg 285 R xf/unc |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1755/54, Utrecht
gewicht 3,49gr. ; goud Ø 22mm. muntteken stadsschildje van Utrecht muntmeester Johan Ernst Novisadi
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 55, omringd door de tekst; CONCORDIA RES - PAR:CRES:TRA• - stadsschildje kz. Gelijnd vierkant met bladversieringen op de hoeken en blad- en schelpdecoraties aan de zijden met daarbinnen tekst in 5 regels; MO:ORD: / PROVIN: / FOEDER: / BELG•AD / LEG•IMP.
Deze dukaat werd geslagen ten tijde van muntmeester Johannes Ernst Novisadi. De fraaie, fijn gedetailleerde, stempels werden vervaardigd door stempelsnijder Cornelis van Swinderen. Dat de families van muntmeester en stempelsnijder nauwe banden onderhielden blijkt ook hier weer. Zo was Cornelis van Swinderen gehuwd met Sara Drappentier, dochter van Johannes Drappentier, telg van het befaamde Hollandse stempelsnijdersgeslacht die werkzaam waren in de Munt te Dordrecht. Na overlijden van Johannes Drappentier op 2 februari 1758 kreeg neef van Swinderen, de zoon van Cornelis, de munten- en penningen verzameling toebedeeld.
Het jaartal 1755 is gewijzigd uit 1754. Hoogst zeldzaam.
Delmonte - (vgl. 965) ; Verkade 98.4 ; HNPM.- (vgl.27) ; CNM.2.43.46 ; vgl. van der Wiel 147 (JMP.1975-1977) ; vgl. Friedberg 285 RRR randtikje en licht gegolfd muntplaatje, overigens zeer mooi exemplaar met fijne details pr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - ½ Gouden rijder van 7 gulden 1760, Utrecht
gewicht 4,98gr. ; goud Ø 21mm. muntmeester: Johan Ernst Novisadi muntteken: stadsschildje van Utrecht
vz. Gehelmde en geharnaste Nederlandse ridder, met sjerp diagonaal om zijn bovenlichaam, te paard naar rechts, in zijn rechterhand houdt hij een geheven zwaard, de linkerhand aan de teugels, daaronder het gekroonde provinciewapen van Holland, omringd door de tekst; stadsschildje MO:AUR:PRO:CONFOED: - BELG:TRAIECT. kz. Gekroond generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding 7 - GL, erboven 1 7 - 6 0, omringd door de tekst; CONCORDIA RES PARVÆ CRESCUNT
De Latijnse spreuk "Concordia res parvæ crescunt" vindt zijn oorsprong in de Romeinse oudheid en is geschreven door de historicus Gaius Sallustius Crispus. De letterlijke betekenis is "door eendracht groeien kleine dingen". In het Nederlands kennen wij dit beter als "Eendracht maakt macht".
Na het sluiten van deze unie zochten de opstandige Noord-Nederlandse gewesten een krachtige spreuk om hun noodzaak tot samenwerking tegen de Spaanse koning te onderstrepen. Vanaf 1588 is deze spreuk het officiële motto van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en zien we het terug op tal van munten van de Republiek.
The Latin motto "Concordia res parvæ crescunt" originates in Roman antiquity and was written by the historian Gaius Sallustius Crispus. The literal meaning is "through unity small things grow." In Dutch, we know this better as "Eendracht maakt macht" (Unity makes strength). After the conclusion of this union, the rebellious Northern Dutch provinces sought a powerful motto to underscore the necessity of cooperation against the Spanish king. From 1588 onwards, this motto was the official motto of the Republic of the Seven United Netherlands, and we see it appearing on numerous coins of the Republic.
Delmonte 971 ; Verkade 99.2 ; HNPM.32 ; CNM.2.43.38 ; Friedberg 289 vrijwel ongecirculeerd exemplaar met zeer scherpe details en veel stempelglans unc- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - HOLLAND - Dubbele gouden dukaat 1756, Dordrecht
gewicht 6,96gr. ; goud Ø 27mm. muntmeester Wouter Buck zonder munt- of muntmeesterteken
vz. Geharnaste en gehelmde Nederlandse ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 56, omringd door de tekst; CONCORDIA•RES - PAR•CRES•HOL• kz. Vierkante omlijsting met schelp- en bladornamenten aan de zijden en op de hoeken, met daarbinnen een tekst in 5 regels; MO:ORD: / PROVIN. / FOEDER / BELG•AD / LEG•IMP•
Wouter Buck werd op 15 juli 1731te Amsterdam geboren als oudste zoon van Otto Buck en Maria Sixti. Twee weken daarna, op 1 augustus, werd Otto Buck aangesteld als muntmeester aan de Hollandse provinciale Munt te Dordrecht. Nadat Wouter het elementaire onderwijs op 11 jarige leeftijd had voltooid, nam rector Johan van Dam hem in 1742 op in het leerlingenregister van de Dordtse Latijnse school als leerling van de classis prima. Na afronding van het klassieke onderwijs, schreef Wouter zich in aan de universiteit van Leiden voor rechten. Hij promoveerde daar op 26 februari 1756 op het proefschrift De inofficioso testamento (Over het onrechtmatig testament: een testament dat tegen de wettelijke regels ingaat). In 1756 verzocht Otto Buck de Staten van Holland hem te ontslaan van dit volgens hem zware beroep. Hij suggereerde in dat geval zijn zoon Wouter in die functie te benoemen. De Staten stemden hiermee in en op 20 mei 1756 werd Mr. Wouter Buck, 25 jaar oud, benoemd. Die functie vervulde hij tot 1786. Hij overleed op 28 juli 1794 op zijn buitenplaat te Noordhoven bij Dordrecht.
♦ Zeldzaam stuk, in een bijzonder in deze uitzonderlijke hoge kwaliteit ♦
♦ Rare piece, particularly in this high state of preservation ♦
Delmonte 773 ; Verkade 39.4 ; HNPM.14 ; CNM.2.28.52 ; Friedberg 248 R Miniem randtikje. Minor edge nick. pr/unc |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - HOLLAND - Gouden dukaat 1757/50, Dordrecht
gewicht 3,48gr. ; goud Ø 21,5mm. muntmeester: Wouter Buck zonder munt- of muntmeesterteken
vz. Geharnaste en gehelmde Nederlandse ridder staande naar rechts met in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 - 57, omringd door de tekst; CONCORDIA•RES - PAR•CRES•HOL• kz. Dubbel gelijnd vierkant met schelp- en bladornamenten aan de zijden en op de hoeken, met daarbinnen een tekst in 5 regels; MO:ORD: / PROVIN• / FOEDER / BELG•AD / LEG•IMP•
Het jaartal 1757 is gewijzigd uit 1750. Deze jaartalwijziging was tot op heden volstrekt onbekend en ontbreekt in alle naslagwerken. Vooralsnog een uniek stuk van de hoogste zeldzaamheid.
The year 1757 has been changed from 1750. This change in the year was completely unknown until now and is missing from all reference works. For the time being, a unique piece of the highest rarity.
Delmonte - (vgl. 775) ; Verkade 39.6 ; HNPM.- (vgl. 15) ; CNM.- (vgl. 2.28.54) ; Vanhoudt/Saunders - (vgl. 1232) ; vgl. Friedberg 250 RRRR enkele kleine randtikjes, verder een attractief exemplaar zfr/pr |
|
|  |
 |
 |
CAIUS CAESAR, adoptive son of Augustus - PHRYGIA - MARCUS ANTONIUS POLEMON PHILOPATRIS - AE 15, Laodicea ad Lycum (ca. 5 BC)
weight 2,93gr. ; bronze Ø 15mm.
obv. Bare head of Caius Caesar facing right, ΓΑΙΟΣ behind, ΚΑΙΣΑΡ before rev. Eagle standing facing, head left, spreading wings, flanked by two monogram, ΛΑΟΔΙΚΕΩΝ below The two monograms are composed of the letters: ΠΟΛΕ ΦΙΛΟΠΑΤ
Laodicea on the Lycum (also Laodikeia ad Lykos or Laodicea ad Lycum) is situated on the long spur of a hill between the narrow valleys of the small rivers Asopus and Caprus, which discharge their waters into the Lycus. The town was originally called Diospolis, "City of Zeus", and afterwards Rhodas. Laodicea, the building of which is ascribed to Antiochus II Theos in 261-253 BC in honor of his wife Laodice, was probably founded on the site of the older town. At first, Laodicea was not a place of much importance, but it soon acquired a high degree of prosperity. In 220 BC, Achaeus was its king. In 188 BC, the city passed to the Kingdom of Pergamon, and after 133 BC it fell under Roman control. It suffered greatly during the Mithridatic Wars but quickly recovered under the dominion of Rome.
Towards the end of the Roman Republic and under the first emperors, Laodicea, benefiting from its advantageous position on a trade route, became one of the most important and flourishing commercial cities of Asia Minor, in which large money transactions and an extensive trade in black wool were carried on. The area often suffered from earthquakes, especially from the great shock that occurred in the reign of Nero (60 AD) in which the town was completely destroyed. But the inhabitants declined imperial assistance to rebuild the city and restored it from their own means. The wealth of its inhabitants created among them a taste for the arts of the Greeks, as is manifest from its ruins, and that it contributed to the advancement of science and literature is attested by the names of the sceptics Antiochus and Theiodas, the successors of Aenesidemus and by the existence of a great medical school. Its wealthy citizens embellished Laodicea with beautiful monuments. One of the chief of these citizens, Polemon, became King of Armenian Pontus (called after him "Polemoniacus") and of the coast round Trebizond. The city minted its own coins, the inscriptions of which show evidence of the worship of Zeus, Æsculapius, Apollo, and the emperors. It received from Rome the title of free city. During the Roman period, Laodicea was the chief city of a Roman conventus, which comprised twenty-four cities besides itself; Cicero records holding assizes there ca. 50 BC. Antiochus the Great transported 2.000 Jewish families to Phrygia from Babylonia. Many of Laodicea′s inhabitants were Jews, and Cicero records that Flaccus confiscated the considerable sum of 9 kilograms of gold which was being sent annually to Jerusalem for the Temple. With its large Jewish community, very early Laodicea became a seat of Christianity and a bishopric. The Epistle to the Colossians mentions Laodicea as one of the communities of concern for Paul the Apostle. The martyrdom of Lulianos and Paphos is believed to have happened here. The Byzantine writers often mention Laodicea, especially in the time of the Comneni. In 1119, Emperor John the Beautiful and his lead military aid John Axuch captured Laodicea from the Seljuk Turks in the first major military victory of his reign. It was fortified by the emperor Manuel I Comnenus. In 1206–1230, it was ruled by Manuel Maurozomes. The city was destroyed during the invasions of the Turks and Mongols.
BMC 154-157 ; SNG.Copenhagen 457-458 ; SNG. von Aulock 3838 ; Lindgren collection 990A ; Waddingon 6266 ; RPC.2900 R f/vf |
|
|  |
|
|