Munthandel G. Henzen
 



HOME|MUNTEN|PENNINGEN|ARCHEOLOGIE|ZOEKEN|INKOOP|OVER ONS|CONTACT|BESTELLEN|VOORWAARDEN
Home

Welkom op de website van Munthandel G. Henzen. Via de navigatiebalk wordt u op eenvoudige wijze door onze website heengeleid. Als u op foto’s klikt verschijnt een uitvergroting. Bevalt een munt u, dan kunt u het bestellen door op ′Bestellen′ te klikken. De gewenste munt of munten worden verzameld op een bestelformulier. Is uw bestelling compleet, dan kunt u deze eenvoudig naar ons e-mailen. U krijgt dan van ons per e-mail een bevestiging toegezonden in de vorm van een factuur. Het bestelde wordt na ontvangst van betaling toegezonden.

Uiteraard is het ook mogelijk om ons, op afspraak, te bezoeken. U kunt dan hetgeen waarin u geïnteresseerd bent op ons kantoor bekijken.

Voor onze trouwe klanten geven we ook regelmatig rijk geïllustreerde prijslijsten uit met speciale aanbiedingen. Bij uw bestelling kunt u aangeven of u deze prijslijsten wilt ontvangen.

Wij wensen u veel plezier bij het bekijken van onze website en wij hopen dat er iets van uw gading bij zal zitten.

Gijs Henzen

Actualiteiten en historische feiten die wij graag onder de aandacht brengen:

Bij de huidige situatie in Iran moet ik soms denken aan Kroissos. Hij had zijn koninkrijk Lydië flink weten uit te breiden en belangrijke Griekse steden aan de westkust van Klein-Azië onder zijn beheer weten te brengen. Zijn rijkdom nam mythische vormen aan. Thans kwam het idee bij hem op om zijn Rijk ook naar het oosten uit te breiden, waar de Perzen heersten. Eerst maar eens advies vragen zal zijn redenering geweest zijn, en hij ging te rade in Delphi, waar hij aan het Orakel vroeg of hij ten strijde moest gaan trekken tegen Cyrus II van Perzië. Het Orakel gaf het beroemde, dubbelzinnige antwoord dat als hij de rivier de Halys zou oversteken, hij "een groot rijk zou vernietigen". Dat stelde Kroisos, die enige overmoedigheid niet ontzegd kon worden, gerust. Hij bracht een groot leger bijeen en trok naar het oosten. De eerste confrontatie met de Perzen vond plaats in Cappadocië, tijdens de Slag bij Pteria (547 v.Chr.) en eindigde vooralsnog onbeslist. Maar het ging niet goed met het leger van Kroisos. Cyrus achtervolgde Kroisos naar Lydië en bracht hem een verpletterende nederlaag toe op de vlakte ten noorden van Sardis in de Slag bij Thymbra (december 547 v.Chr.). Maar de ellende voor Kroisos werd nog groter. Na een beleg van veertien dagen werd de hoofdstad van het Lydische Rijk, Sardis, ingenomen en werd Kroisos gevangen genomen. Volgens de overlevering (onder andere van Herodotus) werd Kroisos op een brandstapel geplaatst, maar uiteindelijk gespaard door Cyrus. Een grootmoedig gebaar. Het Rijk dat werd vernietigd was zijn eigen Rijk, en niet, zoals hij in zijn hoogmoed het Orakel had begrepen, het Perzische Rijk...... 

Vertaald naar het heden kunnen we stellen dat Trump, ook "enigszins" overmoedig en bepaald niet de slimste, zich heeft laten adviseren door valse profeten en oorlogshitsers als Bibi Netanyahu en Pete Hegseth, waarbij zij Trump een snelle en zegenrijke overwinning op Iran (de Perzen) voorspiegelden. Niets bleek minder waar. Zijn aanval op Iran werd een groot debacle. Voor de VS is het de zoveelste militaire en politieke afgang en nederlaag waarbij geen enkel andere land hem steunt of te hulp schiet, behalve natuurlijk de terreurstaat Israël dat volledig op de been wordt gehouden door de VS. De VS is een supermacht in verval en het huidige politieke en militaire beleid kan gezien worden als een katalysator in die ontwikkeling. Israël heeft zich inmiddels ontwikkeld tot een paria, waar de wereld, ook de VS en Europa, uiteindelijk hun handen vanaf zullen trekken. Diens gruwelijke misdaden zijn niet meer te verdedigen of goed te praten. De ondergang van Israël is een kwestie van tijd.....

Iran is een van de grote pijlers van de Islam en het Islamitische regime komt dan ook niet uit de lucht vallen. Het is zeker geen westerse staat, maar dat speelt niet in haar nadeel. Het land heeft een culturele rijkdom en beschaving en roemrijke geschiedenis, waarbij die van de VS totaal verbleekt. Dat Europa en de VS er weer een vazalkoning (shah) kunnen installeren die volledig naar hun pijpen zullen dansen en een westerse politiek zal voeren is een utopische gedachte. Dat is MI6 en de CIA in 1953 gelukt, toen ze de democratische Mossadeq via een staatgreep aan de kant schoven en Reza Pahlavi, die tot dan toe een zeer beperkte macht had, oppermachtig maakte in Iran. Het werd een dictatoriale terreurstaat, met in de jaren ′1970 zo′n 100.000 politieke gevangenen. Er zijn lieden uit de hoek van het voormalige dictatoriale Shah regime die dit trucje weer willen herhalen, thans met de gelijknamige zoon van de oude Shah. Iraniërs die zich publiekelijk tegen die gedachte hebben gekeerd worden met de dood bedreigd. Dat zegt al genoeg wat de intenties zijn van de "jonge" Reza Pahlavi en diens aanhangers. Zij worden dan ook gesteund door de VS en Israël, het Zionistische kamp dus. Een recept voor chaos, dood en verderf. Niet doen dus. Tot tweemaal toe heeft het Westen democratische ontwikkelingen in Iran in de kiem gesmoord, vlak na WO I en in 1953. De Iraanse bevolking is dus niet geheel vreemd met democratie en er zal een derde kans komen. Democratische ontwikkelingen moeten vanuit Iran zelf ontstaan, niet vanuit het Westen. Een heel kwalijke rol wordt daarbij in Nederland gespeeld door de oud-minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD), die de terugkeer van de Shah zit te promoten. Hij is een fervent aanhanger van het Zionisme, die de terreurdaden van Israël steeds maar goed zit te praten en de genocide op de Palestijnen, waaraan geen zinnig mens meer twijfelt, zit af te zwakken of zelfs te ontkennen. De VVD zou zo′n idioot met pek en veren uit de partij moeten gooien....

Hoe is het toch mogelijk dat er nog steeds mensen zijn die nog enige sympathie hebben voor Israël. Als er nog Christenen zijn die Israël steunen, dan hebben zij weinig begrepen van het Christendom en het Jodendom. Het moderne Israël heeft maar weinig met het religieuze Jodendom te maken of het Bijbelse Israël en is daar zelfs mee in strijd. Er bestaan maar weinig landen die zo wreed en moordzuchtig zijn als deze racistische Apartheidsstaat van Europese kolonisten (zgn. Zionisten). Ze hebben nu weer een nieuwe racistische wet bedacht, zodat ze de Palestijnen volgens hun corrupte wetgeving kunnen vermoorden. Men moet zich daarbij bedenken dat er ook vele duizenden Palestijnen in Israëlische gevangenissen zitten zonder dat daar een rechtmatige reden voor is. Ze zijn gewoon willekeurig opgepakt omdat de Israëli′s dat nu eenmaal kunnen. Er is niemand die ze daartoe belemmerd. Palestijnen zijn in Israël volstrekt rechteloos. Verkrachtingen en martelingen zijn aan de orde van de dag en bekentenissen in die omstandigheden hebben dan ook geen enkele rechtsgeldigheid, maar het kan onschuldige Palestijnen straks wel de kop kosten. Israël heeft haar pijlen nu ook gericht op Libanon waar, net als bij Gaza, onschuldige burgers uit hun dorpen en huizen worden verdreven of vermoord. Dit alles in het kader van de vorming van een ″groot Israël″, een idiote gedachte van godsdienstwaanzinnigen die momenteel het beleid in Israël bepalen. Genocide, massamoorden, martelingen, verkrachtingen, diefstal van land en bezit, uithongering, sadisme, Israël brengt dit alles op grote schaal in praktijk en de internationale gemeenschap doet niets. Waarom economische sancties voor Rusland en Iran en niet voor Israël ? Israël is minstens zo misdadig, niet een paar jaar maar al vanaf haar ontstaan in 1948. Israël is een totaal mislukt project dat nooit in deze vorm had mogen bestaan. Wat en wie heeft de Zionisten, kolonisten uit Europa, het recht gegeven om het land en de huizen te stelen van de Palestijnse bevolking ?, de rechtmatige bewoners van Palestina. Het Zionisme is de grootste oorzaak van het huidige antisemitisme. Antisemitisme moet ten alle tijde worden bestreden en daarmee dus ook het Zionisme. Feitelijk is de vorming van de staat Israël met al haar misdaden een trap na voor alle slachtoffers van de Shoah. Immers, de staat Israël doet precies hetzelfde als het Naziregime, alleen zijn nu de Palestijnen het slachtoffer. De joodse slachtsoffers van de Shoah draaien zich om in hun graf ! Ze worden opnieuw vernederd, thans door de Zionisten. Bovendien is Israël een voortdurende bedreiging voor het hele Midden-Oosten. Deze satellietstaat van Europa en de VS hoort daar niet en is een kwaadaardig gezwel voor de regio. Pas als Israël wordt gedekoloniseerd en ontmanteld kan er een langdurige vrede zijn in die regio, eerder niet. Een twee-staten-oplossing is een volstrekte utopie omdat van een gelijkwaardige en rechtvaardige verdeling van land en goed nooit sprake is geweest en zal zijn. Israël had om die reden nooit als staat erkent mogen worden. Het is moordzuchtig, racistisch en het bevorderd het antisemitisme.  Dat was een grote vergissing. Palestina kan het tehuis zijn voor de oorspronkelijke bewoners van deze regio, zoals Palestijnen, Christenen en Arabische Joden. Die hebben daar zo′n 2000 jaar in vrede samen geleefd, totdat Europese kolonisten, met name Ashkenazi Joden uit Oost-Europa, die hegemonie totaal verstoorden en in 1948 een racistische Apartheidsstaat stichtten en dood en verderf zaaiden in de wijde regio......

https://www.youtube.com/watch?v=211f_Z5KYy8 

Het is een taak van een iederongeacht beroep, status of maatschappelijke positie, zich uit te spreken tegen de moordenaars en onderdrukkers van deze wereld, Of het nu om Trump, Putin, Netanyahu of Xi Jinping gaat. Zodra we zwijgen geven we hen vrijbaan en zijn we uiteindelijk allemaal slachtoffer. Wat is een mens zonder menselijkheid, rechtvaardigheid en mededogen ? Wees geen lafaard maar spreek u uit tegen onrecht!

Veel Nederlanders hebben zich in 1940-1945 niet of te weinig verzet tegen de genocide op de Joden. Thans gebeurt dit met de Palestijnen en Libanezen. Maak niet dezelfde fout; BLIJF NIET STILZITTEN EN KOM IN ACTIE TEGEN DIT GROTE ONRECHT:

STEUN : https://rightsforum.org

Zoeken op productnaam





Maandaanbieding

WORLD COINS

LOT: 176 various unsorted world coins, mainly from the period 1900-1980.
Mainly in base metal, but also a few silver.
Various qualities. Sold as is. No returns.
SURPRISE LOT. NO PHOTOS AVAILABLE !

50,00 



Nieuwe aanwinsten

NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - STAD KAMPEN - PERIODE LEOPOLD I, 1657-1705 - Daalder van 30 stuiver 1692

gewicht 13,99gr. ; zilver Ø 35mm.
muntmeester: Jacob Ridder
muntmeesterteken: ruiter naar links

vz. Ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, met een
geheven zwaard in zijn rechterhand, voor hem het gekroonde stedelijk
wapen, omringd door de tekst; AVXILIANTE• - •DEO•1692 ruiter
kz. Gekroond stedelijk wapen gehouden door twee leeuwen, daaronder
30 • ST, omringd door de tekst; MO•NO•AR•CI - •CAMPEN•

Van dit jaartal werden slechts 32.209 stuks aangemunt. Zeldzaam.

Delmonte 1094 ; Verkade 163.4 ; HNPM.42 ; CNM.2.30.57 R
Kleine gietgal en lichte zwaktes van de slag,
doch voor dit munttype een net exemplaar.
zfr-/zfr

395,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Zilveren dukaat 1780, Middelburg

gewicht 28,06gr. ; zilver Ø 41mm.
muntmeester Martinus Holtzhey jr.
muntteken burcht
muntmeesterteken; twee sterren

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts,
geschouderd zwaard in zijn rechterhand, in zijn linkerhand
houdt hij het gekroonde provinciewapen, dat voor hem is
geplaatst, aan een dubbel gelust koord, omringd door de tekst;
♖MON:NOV:ARG:PRO:CONFOED:BELG:COM:ZEL•
kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door het jaartal
17 - 80, daarboven ✶ ✶, omringd door de tekst:
CONCORDIA•RES•PARVÆ•CRESCUNT•

Gebruikelijke zwakke slag, doch ook nog veel originele stempelglans.
Feitelijk heeft deze munt maar weinig gecirculeerd.

Usual weak strike, but also retaining much of the original die luster.
In fact, this coin has circulated only very little.

Delmonte 976 ; Verkade 87.1 ; HNPM.50 ; CNM.2.49.50 ;
Beuth 1780 (JMP.1955, pag.69) ; Davenport 1848

zfr/pr à pr-

235,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Leeuwendaalder 1589, Middelburg

gewicht 27,11gr. ; zilver Ø 40mm.
muntteken burcht ♖
muntmeester Jacob Boreel
stempelsnijder Gerard van Bylaer

Het betreft hier de eerste leeuwendaalder van de provincie Zeeland,
geslagen op Hollandse muntvoet. Zeer zeldzaam.

Omdat de muntproductie conform het Leicester-plakkaat van 1586 weinig lucratief was voor de muntbedrijven, werd nogal eens afgeweken van deze wettelijk voorschriften. Deze onvrede onder de provinciale munthuizen leidde ertoe dat de Staten-Generaal en het gewest Holland enkele besluiten nam in weerwil van het Leicester-plakkaat, om zo tegemoet te komen aan deze onvrede. Zo stemden de Staten-Generaal bij besluit van 18 februari 1589 erin toe dat door alle provinciale munthuizen de populaire Hollandse leeuwendaalder mocht worden aangemunt conform de voorschriften van 1576. Hierdoor werd een meer lucratieve wijze van muntproductie mogelijk gemaakt. De uitgiftekoers werd thans vastgesteld op 36 stuiver, met een zuiver zilverinhoud van 0,58 gram per stuiver. Van dit besluit werd dankbaar gebruik gemaakt door de provinciale munthuizen van Gelderland, Utrecht, Zeeland, Friesland, Overijssel en West-Friesland. Dus ook muntmeester Boreel aan de munt van Middelburg sloeg naar het voorbeeld van Holland daalders van 36 stuivers, conform de instructie die hem hiertoe was verstrekt op last van de Staten- Generaal door de Generaalmeesters.

Voor de voorzijdetekst koos men voor  MO•NO•ORD•ZEL•AD•VA•ORD•HOL hetgeen voluit luidt: Moneta Nova Ordinum Zelandiae Ad Valoris Hollandiae (vertaald: Nieuwe Munt van de Staten van Zeeland naar waarde van de Hollandse). Toch bleek Zeeland niet gelukkig met deze aanmunting en het uiterlijk van de munt, want de aanmunting van 1589 kreeg in deze hoedanigheid geen navolging. Pas in 1597 werd de aanmunting van leeuwendaalders hervat, maar nu in de vorm van een eigen Zeeuws type met de zwemmende Zeeuwse leeuw op de keerzijde en geen enkele verwijzing naar Holland.

Delmonte 837 ; Verkade - ; HNPM.26 ;
CNM.2.49.37 ; Davenport 8869 
RR
Lichte zwaktes van de slag.
zfr

750,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Leeuwendaalder 1623, Middelburg

gewicht 26,78gr. ; zilver Ø 40mm.
muntmeester Balthasar van der Voorde
muntteken burcht

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts
gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste
uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen
een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; •MO•ARG•PRO•CON – FOE•BELG•ZEL•♖•
kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; CONFIDENS•DNO•NON•MOVETVR✤1623✤

Delmonte 839 ; Verkade 88.1 ; HNPM.30 ; 
CNM.2.49.41 ; Davenport 4872
S
Zwaktes van de slag. Schaars jaartal.
fr/zfr

165,00 



ITALY, KINGDOM - VITTORIO EMANUELE II , 1861-1878 - 2 Lire 1863 T BN, Torino (Turin)

weight 9,65gr. ; silver Ø 27mm.
KM.16.2
edge bumb and some minor scratches
f+

23,00 



ITALY, KINGDOM - UMBERTO I, 1878-1900 - 2 Lire 1882 R, Rome

weight 9,80gr. ; silver 835/1000 ; Ø 27mm.
KM.23
some minor edge nicks and light scratches
f+

20,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - BATAAFSE REPUBLIEK, 1795-1806 - NEDERLANDS OOST-INDIË (DUTCH EAST INDIES) - JAVA - Zilveren ropij 1804 Z, Batavia

gewicht 12,60gr. ; zilver Ø 31mm.
muntmeester: Johan Anthonie Zwekkert
muntteken: drieblad/klaverblad
muntmeesterteken: Z
met kabelrand

vz. Arabische tekst ″voor het eiland groot Java″, daarboven drieblad,
eronder 1804 Z
kz. Arabische tekst ″Geld van de Hollandse Compagnie″

Daar de muntmachines nogal eens defect raken wegens de dikke muntplaatjes van de ropijen, vroeg muntmeester Zwekkert of hij in het vervolg de muntplaatjes wat groter en dunner mocht maken. Dit in overeenstemming met de grootte van de gulden. Bij plakkaat van 17 januari 1804 werd die toestemming verleend en vandaar dat de ropijen van af die datum inderdaad groter en dunner zijn, gelijk de hier aangeboden ropij. Desondanks tonen ook de grotere ropijnen uit de jaren 1804-1808 vaak zwaktes, justeersporen en muntplaatoneffenheden.

Scholten 531 ; CNO.23.5 ; KM.214 R
Met de gebruikelijke zwaktes van de slag en
kleine muntplaatoneffenheden. Zeldzaam.
zfr-

225,00 



ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - HERTOGDOM BRABANT - JOHANNA EN WENCESLAUS, 1355-1383 - ½ Groot, schuerken of “torentje” z.j. (1374-1377), Leuven

gewicht 1,04gr. ; zilver Ø 21,5mm.

vz. Gekarteld wapenschild van Bohemen-Brabant-Limburg-Luxemburg met
daarboven een kerkgebouw met twee torens binnen een gekartelde cirkel,
omringd door de tekst; MO - NЄTA:NOVA x - x LOVANIЄN′
kz. Kort gebloemd kruis binnen een gekartelde cirkel, omringd
door de tekst; ✠WЄNCEL:Z:IOH′:DЄI:GRA:BRAB:DVC

Van dit munttype bestaan twee emissies, namelijk uit de jaren 1374-1377 en uit 1380-1381. Traditioneel werd dit type, met MO boven het kerkgebouw, beschouwd als de nieuwere emissie uit 1380-1381 en het andere type, met roosjes boven het kerkgebouw als de oudere emissie uit 1374-1377. Studies hebben echter aangetoond dat het precies andersom is. Het gaat hier dus niet om het zogenaamde ″nieuw torentje″ maar om de oudste emissie van dit munttype (zie beeldenaar 3007-3, pag. 113-114, artikel van Jos Benders).

De Witte identificeerde het kerkgebouw op de voorzijde als de Sint Pieter van Leuven. Het betreft dan de Romaanse voorganger van de huidige Gothische kerk. De Romaanse Sint Pieter werd namelijk in de loop van de 15e eeuw afgebroken en vervangen door Gothische bouw. Qua uiterlijk moet deze Romaanse voorganger eruit hebben gezien als de huidige Sint-Servaasbasiliek in Maastricht.

van der Chijs 10,6 ; de Witte 403 ; de Mey 239 ; Vanhoudt 312  R
Kleine zwaktes van de slag, doch voor type een mooi exemplaar.
Zeldzaam.

zfr

595,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILHELMINA, 1890-1948 - 2 ½ Gulden 1898

gewicht 24,99gr. ; zilver 945/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie B

Oplage slechts 100.000 stuks. Schaars.
Only 100.000 pieces minted. Scarce.

Eén-jaars-type van de medailleur Pier Pander.
One-year-type form the medailleur Pier Pander.

Schulman 782 ; LSch.668 ; KM.123 ; Davenport 237 S
Weinig gecirculeerd exemplaar. Zeer attractief.
pr/pr-

595,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM III, 1849-1890 - 2 ½ Gulden 1860

gewicht 24,79gr. ; zilver 925/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie A

signatuur: I.P.SCHOUBERG.F
Variant zonder punt achter F. Deze variant komt maar weinig voor. Het is niet opgemerkt voor Jacques en Laurens Schulman. Laurens Schulman signaleerde deze variant wèl voor het jaartal 1861 (no.467c : R3). In de Almanak van de NVMH wordt deze variant ook vermeld voor 1861, niet voor 1860. Als zodanig zeer zeldzaam.

Schulman 586var. ; LSch.466var. ; KM.82var. ; Davenport 236var.  RR
schaars jaartal
zfr/zfr+

950,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM III, 1849-1890 - 2 ½ Gulden 1861

gewicht 24,95gr. ; zilver 925/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie A
signatuur: I.P.SCHOUBERG.F.
Schulman 587 ; LSch.467 ; KM.82 ; Davenport 236 S
schaars jaartal
pr-

825,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM III, 1849-1890 - 2 ½ Gulden 1860

gewicht 24,74gr. ; zilver 925/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie B
signatuur: I.P.SCHOUBERG.F.
Schulman 586 ; LSch.466 ; KM.82 ; Davenport 82 S
Enkele kleine randtikjes en lichte graffiti op de voorzijde.
Schaars jaartal.
zfr-/zfr

150,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM III, 1849-1890 - 2 ½ Gulden 1853/2

gewicht 24,90gr. ; zilver 925/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie A
signatuur: I.P.SCHOUBERG.F.

Het jaartal 1853 is gewijzigd uit 1852.
Zeldzaam stuk, dat maar weinig wordt aangeboden in een hoge kwaliteit als deze.

Schulman 579a ; LSch.459a ; KM.82 ; Davenport 236 R
mooi exemplaar met fijne details
pr/pr-

1.350,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM I, 1815-1840 - 2 ½ Gulden 1840, Utrecht

gewicht 25,01gr. ; zilver 945/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie B

Van deze munt zijn er 12.847 geslagen in 1840, 7.540 in 1841
en 23.989 in 1842. (Totaal dus 44.376 stuks). Schaars.

Weinig gecirculeerd prachtexemplaar, maar helaas diverse grotere randtikken.

This specimen was only in circulation for short time,
but unfortunately several larger edge bumbs.

Schulman 257 ; LSch.265 ; KM.67 ; Davenport 234 S
pr

495,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILLEM II, 1840-1849 - 2 ½ Gulden 1843

gewicht 24,97gr. ; zilver 945/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie B

Rijksdaalders van 1843 komen maar weinig voor in een dergelijke mooie staat.

Schulman 508 ; LSch.385 ; KM.69.2 ; Davenport 235 S
Enkele minieme randtikjes, verder een zeer mooi exemplaar.
Schaars jaartal
zfr/pr à pr-

750,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WILHELMINA, 1890-1948 - 2 ½ Gulden 1898

gewicht 24,98gr. ; zilver 945/1000 ; Ø 38mm.
randschrift: positie A

Oplage slechts 100.000 stuks. Schaars.
Only 100.000 pieces minted. Scarce.

Eén-jaars-type van de medailleur Pier Pander.
One-year-type form the medailleur Pier Pander.

Schulman 782 ; LSch.668 ; KM.123 ; Davenport 237 S
zfr/pr

475,00 



NEDERLAND (NETHERLANDS, KINGDOM) - WLLEM I, 1815-1840 - 10 Gulden 1840, Utrecht

gewicht 6,72gr. ; goud 900/1000;  Ø 22,5mm.
muntmeesterteken lelie
randschrift: positie B
Schulman 189 ; LSch.204 ; KM.56 ; Fr.327
weinig gecirculeerd exemplaar
pr

1.450,00 



FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Double tournois 1642

weight 3,30gr. ; copper Ø 20mm.
mintmaster: not known
mintmark: rose

obv. Bust of Frederick-Henry right, three dots below,
surrounded by the legend; FRED•HENR•D˙G•PRI•A•
rev. Three three fleur-de-lis within circle, surrounded
by the legend; DOVBLE•TOURNOIS•1642✿

Van der Wiel 65var. ; Vôute-van derWiel 93Da ; Boudeau 1006 ;
Poey de Avant - ; KM.59
S
Struck with some weaknesses. Scarce.
f/vf

65,00 



FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Double tournois 1641

weight 2,60gr. ; copper Ø 20mm.
mintmaster: not known
mintmark: rose

obv. Bust of Frederick-Henry right, surrounded by the legend;
FRED˙HENR˙D˙G˙PRIN•AV
rev. Three three fleur-de-lis within circle, surrounded
by the legend; DOVBLE•TOURNOIS•1641✿

Van der Wiel 64b. ; Vôute-van derWiel 92Ba ;
Boudeau 1006 ; Poey de Avant 4614 ; KM.59

struck with some weaknesses
f/vf

45,00 



FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Double tournois 1636

weight 2,79gr. ; copper Ø 21mm.
mintmaster: Jean Filliard
mintmark: V over O

obv. Bust of Frederick-Henry within circle, surrounded by
the legend; FRED•HENR•D•G•PRIN•AVR• and V over O
rev. Three three fleur-de-lis within circle, surrounded
by the legend; DOVBLE•TOURNOIS•1636•

This coin was minted during the time of mint master Jean Filliard. Unlike his silver coins, the copper coins do not feature his master′s mark F over a crescent, but rather a V over an O. He may have outsourced the minting of the copper coins elsewhere or made a staff member (apprentice) responsible for it, who therefore used his own master′s mark.

Van der Wiel 58 ; Vôute-van derWiel 84Ca ;
Boudeau 1006 ; Poey de Avant - ; KM.-
R
Struck with some weaknesses. Rare.
vf

140,00 



FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Double tournois 1640

weight 2,00gr. ; copper Ø 20mm.
mintmaster: not known
mintmark: rose

obv. Bust of Frederick-Henry with necklace right, five dots below,
surrounded by the legend; •FRED•HENR•D•G•PRI•AV
rev. Three three fleur-de-lis within circle, surrounded
by the legend; DOVBLE•TOURNOIS•1640

Van der Wiel 62c ; Vôute-van derWiel 89Aa ; Boudeau 1006 ;
Poey de Avant 4608-4610 ;
KM.59

Struck with some weaknesses.
vf

55,00 



FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Teston n.d. (before 1639)

weight 8,03gr. ; silver Ø 28mm.
mintmaster: Jean Filliard (1618-1639)
mintmark: rose
mintmastermark: F over crescent

obv. Bust of Frederick-Henry right within circle, surrounded by the
legend; FRED•HENR•D•G•PRIN•AV•R•CO•NA and F over crescent
rev. Crowned arms of Orange-Nassau within circle,  the crown breaks
the circle, surrounded by the legend; SOLI•DEO•HONOR•ET•GLORIA✿

Soli Deo Honor et Gloria is usually translated as ′glory to God alone′, but some
translate it as ′glory to the only God′. A similar expression is found in the Vulgate
translation of the Bible: ″soli Deo honor et gloria″ in 1 Timothy 1:17.

Van der Wiel 46a ; Vôute-van derWiel 66Bc ; Poey de Avant 4605var. ;
Boudeau 1005var. ; KM.69
R
Struck with some minor weaknesses. Rare.
f/vf à vf-

245,00 



FREDERICK HENRY, 1625 - 1647

Frederick Henry, prince of Orange, count of Nassau (born 29 January 1584, Delft, Holland - died 14 March, The Hague) was the third hereditary stadtholder (1625–47) of the United Provinces of the Netherlands, or Dutch Republic, the youngest son of William I the Silent and successor to his half-brother Maurice, prince of Orange. Continuing the war against Spain, Frederick Henry was the first of the House of Orange to assume semimonarchical powers in foreign as well as domestic policies.

Early life

Frederick Henry was born less than half a year before the murder of his father, William the Silent, the principal leader of the Dutch struggle for independence from Spain. As a younger son, he was destined by his mother, a daughter of the Huguenot leader Gaspard de Coligny, for a career in her native France; but his half brother, Maurice of Nassau, who had succeeded their father as stadtholder, as well as the States General, insisted that Frederick Henry serve his country. He was accordingly educated at the University of Leiden and made a member of the council of state at the age of 17. He began to take part in most of Maurice′s military expeditions and was sent on various foreign missions. During the politico-religious crisis of the years 1617–19, precipitated by a doctrinal conflict within the Reformed (or Calvinist) Church, Frederick Henry, like his mother, kept cautiously to the middle of the road, in contrast to Maurice.

Until the age of 40, Frederick Henry was reputed to be ″too fond of women to tie himself permanently to one of them″ but under strong pressure from Maurice, who had no legitimate offspring, and, almost at the latter′s deathbed, he married. His wife, Amalia van Solms, a lady-in-waiting to the exiled queen of Bohemia, soon acquired a fair amount of political influence as well as a universal reputation for venality, but she also managed to endow The Hague in the 17th century with some semblance of Baroque court life.

Stadtholder

At Maurice′s death, in 1625, Frederick Henry became stadtholder in five of the seven United Provinces; a sixth, Groningen, was added in 1640. Even in Friesland, the eventual succession to the office of stadtholder was assigned to Frederick Henry′s son, William (born 1626). Although in theory no more than the appointed ″servants″ of the different assemblies of the estates, provincial and general, the princes of Orange, by establishing hereditary succession to the various stadtholderships, were clearly on their way to acquiring the status of sovereigns. In view of Frederick Henry′s anomalous, somewhat awkward position as a minor princeling at the helm of the government of a federation of oligarchic republics, anachronistically flourishing in a world drifting toward absolutism, his ambition was normal.

As a strategist, Frederick Henry proved himself to be the foremost disciple of his brother, Maurice, and the Dutch wars against the Spanish continued to be considered a kind of military academy for young European noblemen. Frederick Henry′s universally recognized strength lay in capturing fortified ″places″; once he was even heard to exclaim: ″God deliver us from pitched battles,″ and every one of his yearly campaigns had the conquest of some important town or fortress as its aim. Hence, the borderline between the modern kingdoms of Belgium and The Netherlands came to be drawn largely according to Frederick Henry′s successes and failures.

By far the most spectacular of these sieges was that of ′s-Hertogenbosch (Bois-le-duc), but if the capitulation of this city marked Frederick Henry′s proudest moment, it also demonstrated the inherent weakness of his position. Although his contemporaries present the prince as little short of omnipotent in the Dutch Republic, his power was based on the delicate balancing of various elements. To counterbalance the oligarchy in the province of Holland, which contributed more than 58 percent to the federal budget, the prince needed the support of the six minor members of the United Provinces and that of the Puritan masses of the country, including those in Holland.

Until about 1640, Frederick Henry alone was responsible for the United Provinces’ foreign policy. From the dynastic point of view, his activities were crowned by the marriage in 1641 between his heir, William II, and Mary, the eldest daughter of Charles I of Great Britain. Consequently, during the English Civil Wars, the stadtholder sided unconditionally with the king, whereas the Holland oligarchy tended to favor Parliament.

French alliance

More important was Frederick Henry′s French policy, culminating (1635) in the so-called treaty of partition between the two countries and stipulating a partitioning of the southern Netherlands, if conquered by arms from the Spanish. The treaty further provided for the yearly payment of a considerable French subsidy, thus enabling the prince to continue the war in spite of the reluctance of the war-tired assembly of Holland to finance it. But the very first campaign of the French and Dutch armies combined under Frederick Henry′s command nearly ended in disaster, and, in spite of his conquests of the cities of Breda and Hulst, the alliance never regained its momentum. The trend toward peace with Spain became more and more irresistible, and, largely through the influence of his wife, even Frederick Henry was eventually won over to the peace party. Prematurely aged after long years of suffering from gout, he did not live to see the peace officially concluded in January 1648. He died in March 1647 and was interred with great pomp in the family vault at Delft.


FRANCE - ORANGE, PRINCIPALITY - FREDERICK HENRY OF ORANGE-NASSAU, 1625-1647 - Teston n.d. (before 1639)

weight 8,75gr. ; silver Ø 29,5mm.
mintmaster: Jean Filliard (1618-1639)
mintmark: rose
mintmastermark: F over crescent

obv. Bust of Frederick-Henry right within circle, surrounded by the
legend; FRED•HEN•D•G•PRIN•AV•R•CO•N• and F over crescent
rev. Crowned arms of Orange-Nassau within circle, surrounded by the
legend; SOLI•DEO•HONOR•ET•GLORIA ✿

Soli Deo Honor et Gloria is usually translated as ′glory to God alone′, but some
translate it as ′glory to the only God′. A similar expression is found in the Vulgate
translation of the Bible: ″soli Deo honor et gloria″ in 1 Timothy 1:17.

Frederick Henry, prince of Orange, count of Nassau (born 29 January 1584, Delft, Holland - died 14 March, The Hague) was the third hereditary stadtholder (1625–47) of the United Provinces of the Netherlands, or Dutch Republic, the youngest son of William I the Silent and successor to his half-brother Maurice, prince of Orange. Continuing the war against Spain, Frederick Henry was the first of the House of Orange to assume semimonarchical powers in foreign as well as domestic policies.

Early life

Frederick Henry was born less than half a year before the murder of his father, William the Silent, the principal leader of the Dutch struggle for independence from Spain. As a younger son, he was destined by his mother, a daughter of the Huguenot leader Gaspard de Coligny, for a career in her native France; but his half brother, Maurice of Nassau, who had succeeded their father as stadtholder, as well as the States General, insisted that Frederick Henry serve his country. He was accordingly educated at the University of Leiden and made a member of the council of state at the age of 17. He began to take part in most of Maurice′s military expeditions and was sent on various foreign missions. During the politico-religious crisis of the years 1617–19, precipitated by a doctrinal conflict within the Reformed (or Calvinist) Church, Frederick Henry, like his mother, kept cautiously to the middle of the road, in contrast to Maurice.

Until the age of 40, Frederick Henry was reputed to be ″too fond of women to tie himself permanently to one of them″ but under strong pressure from Maurice, who had no legitimate offspring, and, almost at the latter′s deathbed, he married. His wife, Amalia van Solms, a lady-in-waiting to the exiled queen of Bohemia, soon acquired a fair amount of political influence as well as a universal reputation for venality, but she also managed to endow The Hague in the 17th century with some semblance of Baroque court life.

Stadtholder

At Maurice′s death, in 1625, Frederick Henry became stadtholder in five of the seven United Provinces; a sixth, Groningen, was added in 1640. Even in Friesland, the eventual succession to the office of stadtholder was assigned to Frederick Henry′s son, William (born 1626). Although in theory no more than the appointed ″servants″ of the different assemblies of the estates, provincial and general, the princes of Orange, by establishing hereditary succession to the various stadtholderships, were clearly on their way to acquiring the status of sovereigns. In view of Frederick Henry′s anomalous, somewhat awkward position as a minor princeling at the helm of the government of a federation of oligarchic republics, anachronistically flourishing in a world drifting toward absolutism, his ambition was normal.

As a strategist, Frederick Henry proved himself to be the foremost disciple of his brother, Maurice, and the Dutch wars against the Spanish continued to be considered a kind of military academy for young European noblemen. Frederick Henry′s universally recognized strength lay in capturing fortified ″places″; once he was even heard to exclaim: ″God deliver us from pitched battles,″ and every one of his yearly campaigns had the conquest of some important town or fortress as its aim. Hence, the borderline between the modern kingdoms of Belgium and The Netherlands came to be drawn largely according to Frederick Henry′s successes and failures.

By far the most spectacular of these sieges was that of ′s-Hertogenbosch (Bois-le-duc), but if the capitulation of this city marked Frederick Henry′s proudest moment, it also demonstrated the inherent weakness of his position. Although his contemporaries present the prince as little short of omnipotent in the Dutch Republic, his power was based on the delicate balancing of various elements. To counterbalance the oligarchy in the province of Holland, which contributed more than 58 percent to the federal budget, the prince needed the support of the six minor members of the United Provinces and that of the Puritan masses of the country, including those in Holland.

Until about 1640, Frederick Henry alone was responsible for the United Provinces’ foreign policy. From the dynastic point of view, his activities were crowned by the marriage in 1641 between his heir, William II, and Mary, the eldest daughter of Charles I of Great Britain. Consequently, during the English Civil Wars, the stadtholder sided unconditionally with the king, whereas the Holland oligarchy tended to favor Parliament.

French alliance

More important was Frederick Henry′s French policy, culminating (1635) in the so-called treaty of partition between the two countries and stipulating a partitioning of the southern Netherlands, if conquered by arms from the Spanish. The treaty further provided for the yearly payment of a considerable French subsidy, thus enabling the prince to continue the war in spite of the reluctance of the war-tired assembly of Holland to finance it. But the very first campaign of the French and Dutch armies combined under Frederick Henry′s command nearly ended in disaster, and, in spite of his conquests of the cities of Breda and Hulst, the alliance never regained its momentum. The trend toward peace with Spain became more and more irresistible, and, largely through the influence of his wife, even Frederick Henry was eventually won over to the peace party. Prematurely aged after long years of suffering from gout, he did not live to see the peace officially concluded in January 1648. He died in March 1647 and was interred with great pomp in the family vault at Delft.

Van der Wiel 45 ; Vôute-van derWiel 61 Da ; Poey de Avant 4605var. ;
Boudeau 1005var. ; KM.68var.
R
Some minor planchet faults. Attractive toning. Rare.
vf

375,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP HOLLAND - PHILIPS DE GOEDE, 1434-1467 - Dubbele groot vierlander z.j. (1434-1467), Dordrecht of ′s Gravenhage

gewicht 2,72gr. ; zilver Ø 30mm.
muntteken roos

vz. Gekwartierd Bourgondisch wapenschild met in het hart een schildje
met de Hollandse leeuw binnen een parelcirkel, omringd door de tekst;
✠PHS:DЄI:GRA:DVX:BVRG:COM:HOLD:Z:Z′
kz. Lang gevoet kruis geplaatst over een parelcirkel met in de kwartieren 
om en om een lelie en klimmende leeuw en in het ruitvormig opengewerkt 
hart een roos, omringd door de tekst: 
✠MONЄT - A:NOVA: - COM:HO - LD:Z:ZЄ

Dit munttype werd volgens ordonnantie van 23 januari 1434 aangemunt in de gebieden Vlaanderen, Henegouwen, Brabant en Holland, vandaar de naam ″vierlander″. Voor Holland vond aanmunting te Dordrecht plaats in de jaren 1434-1440 en 1466-1467 en te ′s Gravenhage in de jaren 1454-1455. Onderscheidende kenmerken zijn er niet, dus het is niet vast te stellen of exemplaren te Dordrecht of te ′s Gravenhage zijn aangemunt.

van der Chijs XIV, 11 ; van Gelder & Hoc 9-4 ; Vanhoudt 3.DH/DO
zwaktes van de slag
fr/zfr

175,00 





© Copyright 2012  |  Munthandel G. Henzen  |  Tel. +31(0)343-430564  |  Fax +31(0)343-430542  |  info@henzen.org | Privacybeleid