Munthandel G. Henzen
 



HOME|MUNTEN|PENNINGEN|ARCHEOLOGIE|ZOEKEN|INKOOP|OVER ONS|CONTACT|BESTELLEN|VOORWAARDEN
Home

Welkom op de website van Munthandel G. Henzen. Via de navigatiebalk wordt u op eenvoudige wijze door onze website heengeleid. Als u op foto’s klikt verschijnt een uitvergroting. Bevalt een munt u, dan kunt u het bestellen door op ′Bestellen′ te klikken. De gewenste munt of munten worden verzameld op een bestelformulier. Is uw bestelling compleet, dan kunt u deze eenvoudig naar ons e-mailen. U krijgt dan van ons per e-mail een bevestiging toegezonden in de vorm van een factuur. Het bestelde wordt na ontvangst van betaling toegezonden.

Uiteraard is het ook mogelijk om ons, op afspraak, te bezoeken. U kunt dan hetgeen waarin u geïnteresseerd bent op ons kantoor bekijken.

Voor onze trouwe klanten geven we ook regelmatig rijk geïllustreerde prijslijsten uit met speciale aanbiedingen. Bij uw bestelling kunt u aangeven of u deze prijslijsten wilt ontvangen.

Wij wensen u veel plezier bij het bekijken van onze website en wij hopen dat er iets van uw gading bij zal zitten.

Gijs Henzen

Actualiteiten en historische feiten die wij graag onder de aandacht brengen:

De veroordeeld crimineel Donald Trump heeft weinig op met mensenrechten. Dat bleek al door zijn politieke en militaire steun aan de gezochte oorlogsmisdadiger en massamoordenaar Benjamin Netanyahu (eigenlijk Mileikowsky) en diens terroristische staat Israël. Donald Trump en de VS zijn daarom in hoge mate medeverantwoordelijk voor de genocide op de Palestijnen en algehele malaise in het Midden-Oosten. Israël en de VS zijn ook verantwoordelijk voor de huidige hoge energieprijzen, veroorzaakt door hun illegale en stupide oorlog tegen Iran. Het internationaal strafhof in Den Haag is het aangewezen instituut van de Verenigde Naties om deze misdagers voor het gerecht te brengen. Misdadigers en massamoordenaars zijn niet gebaat bij onafhankelijke rechtspraak en daarom probeert de VS, met Trump en Rubio voorop, dit instituut op allerlei manieren te dwarsbomen. Zij hebben weinig op met democratie en het internationaal recht en faciliteren liever massamoordenaars.....

Israël is een totaal genocidale maatschappij, gesteund door het overgrote deel van de Israëlische bevolking, niet te verwarren met de Joden. Het Zionisme is een nationalistische beweging dat haar oorsprong heeft in de 19e eeuw en het Jodendom misbruikt voor haar racistische en genocidale doelstellingen. Het overgrote deel van de Israëlische bevolking steunt het Zionisme en het terroristische apartheidsregime van Netanyahu en vindt alle gruwelijke misdaden die daarmee gepaard gaan eigenlijk wel gerechtvaardigd. Het is een volk dat blind is voor haar misdaden en zich verheven voelt boven de Palestijnen en Arabische (semitische) volkeren uit de regio. Dat is helaas de ware aard van Israël en veel van haar huidige bewoners. Het is dan ook een collectieve Israëlische verantwoordelijkheid, waarvoor men zich vroeg of laat zal moeten verantwoorden. Een zware gemeenschappelijke en eeuwige last, waarbij men in de huidige mediamaatschappij dit keer niet kan zeggen ″wir haben es nicht gewust″......

https://www.youtube.com/watch?v=211f_Z5KYy8 

Het is een taak van een ieder, ongeacht beroep, status of maatschappelijke positie, zich uit te spreken tegen de moordenaars en onderdrukkers van deze wereld, Of het nu om Trump, Putin, Netanyahu of Xi Jinping gaat. Zodra we zwijgen geven we hen vrijbaan en zijn we uiteindelijk allemaal slachtoffer. Wat is een mens zonder menselijkheid, rechtvaardigheid en mededogen ? Wees geen lafaard maar spreek u uit tegen onrecht!

Veel Nederlanders hebben zich in 1940-1945 niet of te weinig verzet tegen de genocide op de Joden. Thans gebeurt dit met de Palestijnen en Libanezen. Maak niet dezelfde fout; BLIJF NIET STILZITTEN EN KOM IN ACTIE TEGEN DIT GROTE ONRECHT:

STEUN : https://rightsforum.org

Zoeken op productnaam





Maandaanbieding

WORLD COINS

LOT: 176 various unsorted world coins, mainly from the period 1900-1980.
Mainly in base metal, but also a few silver.
Various qualities. Sold as is. No returns.
SURPRISE LOT. NO PHOTOS AVAILABLE !

€ 50,00 



Nieuwe aanwinsten

NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - PROVINCIE FRIESLAND - 1/20 Leicesterreaal of stoter 1587, Leeuwarden

gewicht 2,91gr. ; zilver Ø 26mm.
muntmeester: Willem van Vierssen
muntteken: Friese klimmende leeuw naar links
stempelsnijder: Gerard van Byaer

vz. Gelauwerd en geharnast borstbeeld van de graaf
van Leicester naar rechts, omringd door de tekst;
+ CONCORDIA•RES•PARVAE•CRESCVNT
kz. Pijlenbundel van de Zeven Provinciën binnen versierd ovaal,
omringd door de tekst; •MONETA•BELGICA•FRI•leeuwtje 1587

Na het uitvaardigen van het zogeheten Leicesterplakkaat in 1586 werd de bekwame Dordtse graveur en stempelsnijder Gerard van Bylaer in juli van dat jaar aangesteld als stempelsnijder-generaal. Het was zijn taak om centraal de ponsoenen te maken waarmee de muntstempels voor alle verschillende provinciale munthuizen geslagen konden worden. Hoewel lokale stempelsnijders in de afzonderlijke gewesten de stempels later zelf weer gingen aanpassen of maken omdat zij dit als een inbreuk op hun werk zagen, lag de basis en het oorspronkelijke ontwerp van deze stempels in handen van Gerard van Bylaer.

De stoter duikt in de 15e eeuw op als Nederlandse benaming voor de Engelse groat, een zilveren munt die onder meer in het toen nog Engelse Calais werd geslagen en ook in de Nederlanden in omloop was. De waarde kwam grofweg overeen met de Bourgondische dubbele stuiver. Rond 1500 was door de verlaging van het zilvergehalte van de Bourgondische zilverstukken de koers van de stoter gestegen tot 2½ stuiver. De Engelse groat verdween, maar andere laat 16e-eeuwse zilverstukken van 2½ stuiver, zoals de 1/20 philipsdaalder en de 1/20 leicesterreaal werden ook stoter genoemd. Die laatste werden aangemunt in de jaren van de opstand tegen het Spaanse gezag, toen Engeland de Nederlanden te hulp kwam en Robert Dudley, Graaf van Leicester als landvoogd werd aangesteld. Deze flamboyante graaf kwam al snel in aanvaring met de Staten van Holland. Toen de graaf in 1587 onverrichter zake vertrok, werd er geen poging meer gedaan een nieuwe vorst te vinden. De Republiek was een feit. De zilveren leicesterreaal, met de afgeleiden 1/5 leicesterreaal en 1/20 leicesterreaal of stoter, werden tijdens het bewind van Leicester ingevoerd volgens het ″Muntplakkaat van Leicester″ van 4 augustus 1586, en zijn in feite de eerste generaliteitsmunten. De munten uit de serie droegen de beeldenaar van Leicester en zijn nog tot 1597 aangemunt door meerdere gewestelijke munthuizen. In de 17e eeuw verdween het muntstuk uit omloop, maar het begrip stoter bleef nog tot ver in de 19e eeuw in gebruik als rekeneenheid van 2½ stuiver en later 12½ cent.


Verkade 120.2 ; HNPM.33 ; CNM.2.16.25 ; Jasek 45A RR
Lichte zwaktes van de slag. Zeer zeldzaam.
fr/zfr

€ 450,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - RIJKSSTAD GRONINGEN - PERIODE FERDINAND I, 1556-1564 - Halve jager of vlieger van 1 Stuiver 1560

gewicht 1,83gr. ; zilver Ø 26mm.
muntmeester: Jasper Flem(m)ing
muntmeesterteken: lelie

vz. Dubbelkoppige rijksadelaar met gespreide vleugels en poten met
daaronder het wapenschild van Groningen, binnen een gekartelde cirkel,
omringd door de tekst; MONЄTA⋆NOVA⋆GRONINGЄNSIS
kz. Lang dubbelgelijnd en gevoet kruis geplaatst over een vierpas met
bladversieringen bij de inbuigingen van de bogen, ruitvormig hart waarbinnen
het stadsschildje van Groningen, binnen een gekartelde cirkel, omringd door
de tekst; SIT⋆N - OM⋆D - O⋆BEN - A°⋆1560

Jasper Fleming kwam uit een geslacht van muntmeesters. Zijn achternaam komt in meerdere spellingen voor. Naast Fleming zijn dit onder meer Flemingh, Flemming, Flemynck, Vlemynck en Vlemyncx. Zijn vader Lambert Fleming was muntmeester geweest van onder anderen de hertog van Gelre, terwijl vijf van zijn kinderen eveneens muntmeester waren. Jasper begon zijn carrière als muntmeester in 1525, toen Karel van Egmond, hertog van Gelre, hem aanstelde als muntmeester in Nijmegen, Tiel, Zaltbommel en Zutphen. Hij zal vooral in Nijmegen actief zijn geweest als muntmeester. Nadien is hij nog werkzaam geweest voor tal van andere werkgevens, o.a. in Nijmegen, Mülheim an der Ruhr, Luik, Osnabrück, Münster, ′s-Heerenbergh, Maastricht, Roermond, Rietberg en Diepholz. In de jaren 1560-1562 was hij werkzaam te Groningen, hetgeen waarschijnlijk zijn laatste standplaats is geweest. Waarschijnlijk is hij kort na 1562 overleden. Dat Jasper zo vaak van werkplaats wisselde zal grotendeels te maken hebben gehad met zijn oplichtingspraktijken en schulden die hij her en der achterliet. Dat had hij niet van een vreemde. Vader Lambert werd in 1531 op de hoge leeftijd van 92 jaar in Osnabrück wegens valsmunterij ter dood veroordeeld. Het vonnis werd voltrokken door hem op het marktplein in een ketel met kokende olie te gooien. Jasper Fleming, die van medeplichtigheid werd beschuldigd, wist aan eenzelfde lot te ontkomen door te vluchten.

van der Chijs XVI, 138 ; Puister 1.616a ; CNM.2.21.12 S
schaars munttype
fr/zfr à zfr-

€ 225,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - GELRE - RIJKSSTAD NIJMEGEN - PERIODE FREDERIK III, 1440-1493 - ½ Stuiver 1486

gewicht 1,63gr. ; zilver Ø 23mm.
munt(meester)teken / interpunctie: drieblad
initiaalteken keerzijde: rijksappel

vz. Gekroonde klimmende leeuw naar links, zijn staart gesplits en gekruist,
het stadswapen van Nijmegen voor zich houdend, binnen een gekartelde
cirkel, omringd door de tekst; ♣MONЄTA♣NOVA♣ NOVIMAGЄN
kz. Kort dubbelgelijnd kruis met bladversieringen aan de uiteinden
binnen een gekartelde cirkel, omringd door de tekst;
rijksappel ANNO♣DOIII♣M♣CCCCLXXXVI

van der Chijs XXIII, 7var.. ; Passon 8Fk ; de Voogt 11c ;
Frey 280 ; Stephanik 4208 ; Levinson III-161
RR
Zwaktes van de slag. Zeer zeldzaam.
fr/zfr

€ 475,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - GELDERLAND - RIJKSSTAD NIJMEGEN - RUDOLF II, 1576-1612 - Stuiver 1582

gewicht 2,31gr.  ; zilver Ø 27mm.
muntmeester Derick Vlemminck

vz. Lang gevoet kruis geplaatst over een vierpas met bladversieringen bij
de inbuigingen van de bogen, ruitvormig opengewerkt hart waarbinnen
een rijksappel, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; 
RODOL - II★D′★GR - ELE′★RO - IMPER
kz. Gekroond stadswapen tussen 8 - Z binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; MO′★NO★CIVI′★IMP′★NOVIOM

Op de keerzijde is een klop ″stadsschildje van Nijmegen″ aangebracht (van der Wis, klop 10). In 1583 werd een koninklijk plakkaat uitgevaardigd, waarin werd besloten dat de Nijmeegse snaphanen en peerdekens (1/4 snaphanen) alleen nog mochten blijven circuleren indien ze geklopt zouden worden. Nieuwe snaphanen en peerdekens mochten niet meer aangemunt worden. De stempelsnijder Hendrik Noster kreeg opdracht de stempelijzers te vervaardigen, die op 21 januari 1584 gereed waren. Kort daarna ging men over tot het kloppen van munten. Waarom men ook de stuivers heeft geklopt is onbekend. In het plakkaat wordt dit munttype niet vermeld. Reden zal geweest zijn, devaluatie van dit munttype te voorkomen. Immers, de ongeklopte snaphanen werden nadien gedevalueerd met een ½ stuiver en de peerdekens met een ¼ stuiver. Zeer zeldzaam.

Verkade 23.5 ; Passon 57Dh  ; de Voogt 66 ;
Pannekeet NIJ.5 (R2) ; HNPM.25 ; CNM.2.36.39 RR
Gecorrodeerd vondstexemplaar waarbij als gevolg van
poreusheid een klein gaatje is ontstaan ter hoogte van de klop.
fr/zfr

€ 225,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - Leeuwendaalder 1677, Kampen

gewicht 27,25gr. ; zilver Ø 43mm.
muntmeester: Dirk van Romondt sr.
muntmeesterteken: roos

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts
gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste
uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapen van Holland binnen een
geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een gladde cirkel,
omringd door de tekst; MO:ARG:PRO:CONFOE  –  BELG:PRO:TRANS
kz. Klimmende leeuw naar links binnen een gladde cirkel, daarboven 16 ✿ 77,
omringd door de tekst; •CONFIDENS:DNO:NON:MOVETVR•

Delmonte 856b ; Verkade 139.3var. ; HNPM.37 ;
CNM.2.38.64 ; Davenport 4861
R
Zwaktes van de slag en klein muntplaatdefect, overigens een
net exemplaar, geslagen op een breed muntplaatje. Zeldzaam.
zfr

€ 325,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Zilveren dukaat 1794, Middelburg

gewicht 27,55gr. ; zilver Ø 40,5mm.
muntmeester Petronella Slob & Johan Lodewijk Molter
muntteken burcht
muntmeesterteken; twee sterren

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts,
geschouderd zwaard in zijn rechterhand, in zijn linkerhand
houdt hij het gekroonde provinciewapen, dat voor hem is
geplaatst, aan een dubbel gelust koord, omringd door de tekst;
♖MON:NOV:ARG:PRO:CONFOED:BELG:COM:ZEL•
kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door het jaartal
17 - 94, daarboven ✶ ✶, omringd door de tekst:
CONCORDIA RES PARVÆ CRESCUNT•

Petronella Slob en Johan Lodewijk Molter deelden van 1788 tot 1799 gezamenlijk het ambt van muntmeester van de provincie Zeeland aan de Zeeuwse Munt in Middelburg. Petronella Slob was de weduwe van Martinus Holtzhey jr., die van 1764 tot aan zijn plotselinge overlijden in 1788 muntmeester van Zeeland was. In de 18e eeuw was het niet ongebruikelijk dat een weduwe het muntmeesterschap van haar overleden man voortzette om het inkomen en de continuïteit van de munt veilig te stellen. Ze kreeg hierbij ambtelijke ondersteuning. Omdat het destijds voor een vrouw vaak niet was toegestaan of praktisch onmogelijk werd geacht om alle operationele en zakelijke taken van een munthuis alleen te besturen, werd Johan Lodewijk Molter aan haar toegevoegd. Hij fungeerde als de feitelijke operationele kracht en compagnon die samen met haar het muntmeesterschap uitvoerde tot de sluiting van de provinciale munt.

Delmonte 976 ; Verkade 87.1 ; HNPM.50 ;
CNM.2.49.50 ; Beuth 1794 (JMP 1955) ; Davenport 1848

Gebruikelijke ietwat zwakke slag, doch weinig gecirculeerd
exemplaar met nog enige stempelglans.
zfr/pr

€ 245,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - HOLLAND - Leeuwendaalder 1576, Dordrecht

gewicht 26,57gr. ; zilver Ø 42mm.
muntmeester: Rochus Grijp
muntteken: roos ❀
stempelsnijder: Gerard van Bylaer
type 3

vz. Geharnaste en gehelmde ridder, met baard, staande naar links, hoofd
naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het
geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland
binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst welke aan
de onderzijde geflankeerd wordt door het jaartal I5 - 76, binnen een
parelcirkel, omringd door de tekst; ⁎ MO⁎NO⁎ARG⁎  – ⁎ORDIN⁎HOL⁎
kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; ⁎CONFIDENS⁎DNO⁎NON⁎MOVETVR⁎ ❀

Het betreft hier een leeuwendaalder van het derde type, met de ridder naar rechts kijkend over zijn schouder. De leeuwendaalder werd in 1575 ingevoerd, als eerste grote zilverstuk van de opstandige Nederlanden. Het werd uitgegeven op een koers van 32 stuiver, gelijk aan de Bourgondische kruisrijksdaalder. Deze koers was feitelijk te hoog, daar de leeuwendaalder zo′n 16% minder zilver bevatte dan de Bourgondische kruisrijksdaalder. Dit koersverschil diende tot het spekken van de kas voor oorlogsvoering tegen Spanje. In de loop van 1576 werd het eerste type vervangen door een tweede type, dat al duidelijk beter was uitgevoerd qua beeldenaar. Ook de vervaardiging is beter, alhoewel ook deze stukken nog vaak erg zwak werden uitgemunt. Blijkbaar nog altijd ontevreden over het eindresultaat werd besloten de kundige stempelsnijder Gerard van Bylaer opdracht te geven tot het vervaardigen van geheel nieuwe stempels voor de leeuwendaalder, hetgeen resulteerde in het derde type. Thans veel fijner en stilistisch beter van snit. Ook in de uitvoering van de muntslag zien we grote verbetering, waardoor de stukken veel scherper van slag waren. De stukken van het eerste type, zonder jaartal ent 1575, zien we maar hoogst sporadisch, die van het tweede type uit 1576 komen al wat vaker voor en die van het derde type zien we veelvuldig in de handel en collecties.

Delmonte 831 ; Verkade 48.3 ; HNPM.22 ;
CNM.2.28.66 ; Davenport 8838
lichte zwaktes van de slag
zfr

€ 335,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - GELDERLAND - STAD NIJMEGEN - Daalder van 30 stuivers 1689

gewicht 16,09gr. ; zilver Ø 36mm.
muntmeester: Gerard van Harn
muntmeesterteken: morenkop

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar
rechts gewend, zwaard in zijn rechterhand terwijl zijn linkerhand
in zijn zij is geplaatst, het gekroonde stadswapen voor hem geplaatst,
omringd door de tekst; AVXILIANTE • morenkop - DEO•I689 •

Auxiliante Deo betekent  ″met Gods hulp″. Het stadswapen op de
voorzijde heeft een open kroon. In de jaren 1688-1689 werden in
totaal 94.550 stuks daalders aangemunt. Zeldzaam.

Delmonte 1077 ; Verkade 21.4 ; Passon 83Ab ; HNPM.12 ;
de Voogt 108 ; Pannekeet NIJ.26 ; CNM.2.36.21
R
bijzonder attractief exemplaar met een mooi patina
zfr+

€ 750,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - GELDERLAND - Leeuwendaalder 1589, Harderwijk

gewicht 27,11gr. ; zilver Ø 40mm.
muntmeester: Jacob Dirksz.Alewijn
muntteken: roos

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts
gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde 
in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een
geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst welke aan de onderzijde
geflankeerd wordt door het jaartal 15 - 89, binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; x MOxNOxORDIx  –  xGELxVAxHOLx
kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel,
omringd door de tekst; xCONFIDENSxDNOxNONxMOVETVRx ❀

1e jaar van aanmunting. Geslagen op Hollandse voet. In de periode 1589-1593 werden circa 76.827 stuks leeuwendaalders geslagen (incl.1/2 leeuwendaalders). Aanvankelijk heeft men de leeuwendaalders 1589 vervaardigd met afbeelding van het muntteken herkruist kruis ofwel het ″Gelders kruis″. Dit leidde tot protesten van Holland, met de waarschuwing dat stukken die niet het Hollandse muntteken roos toonden, niet als wettig betaalmiddel geaccepteerd zouden worden. Hierop hebben de Gelderse bewindvoerders ervoor gezorgd dat het muntteken Gelders kruis werd vervangen door een roos, zoals deze leeuwendaalder ons ook toont. Zeldzaam.

Delmonte 824 ; Verkade 10.4 ; de Voogt 58 ; HNPM.54 ;
CNM.2.17.103 ; Pannekeet 37Aa ; Davenport  8826
R
lichte zwaktes van de slag
zfr

€ 450,00 



BULGARIA - IVAN ALEKSANDAR & MIKHAIL ASEN IV, 1331-1355 - Gros or matapan n.d.

weight 1,21gr, ; Ø 20mm.

obv. Christ with nimbus facing standing before throne,
both hands raised in benediction, IC - XC to left and right of nimbus,
to left monogram (АΛЕ = Alexander), to right monogram (ЦР = Tsar).
rev. Ivan Aleksandar and Mihail Asen IV standing facing, each holding
cross-tipped scepter, holding Christogram-tipped staff between them,
at the foot end on both sides star, in field to left monogram (БΛГВ),
in field to right monogram (МХА).

It is believed that this coin shows Ivan Alexander with his son and co-emperor Michael Asen IV. Since Michael died in 1355, this coin would be dated from 1331 (when Ivan ascended to the throne) to 1355.

Ratto 2679 ; Grierson CME 387 ; Yeoman 74 ; Mitchiner 2339 ;
cf. Raduchev & Zhekov-Tipo 1.13 ; cf. Youroukova & Penchev 72 ;
cf. Dochev, Katalog 2230/2240 (for similar obv./rev types)
vf

€ 140,00 



BULGARIA - IVAN ALEKSANDAR & MIKHAIL ASEN IV, 1331-1355 - Gros or matapan n.d.

weight 1,11gr, ; Ø 21mm.

obv. Christ with nimbus facing standing before throne,
both hands raised in benediction, IC - XC to left and right of nimbus,
to left monogram (АΛЕ = Alexander), to right monogram (ЦР = Tsar).
rev. Ivan Aleksandar and Mihail Asen IV standing facing, each holding
cross-tipped scepter, holding Christogram-tipped staff between them,
at the foot end on both sides star, in field to left monogram (БΛГВ),
in field to right monogram (МХА).

It is believed that this coin shows Ivan Alexander with his son and co-emperor Michael Asen IV. Since Michael died in 1355, this coin would be dated from 1331 (when Ivan ascended to the throne) to 1355.

Ratto 2679 ; Grierson CME 387 ; Yeoman 74 ; Mitchiner 2339 ;
cf. Raduchev & Zhekov-Tipo 1.13 ; cf. Youroukova & Penchev 72 ;
cf. Dochev, Katalog 2230/2240 (for similar obv./rev types)
beautiful example with attractive toning
xf-

€ 195,00 



BOHEMIA, KINGDOM - VRATISLAV II, ALS KING, 1085-1092 - Denar n.d. (1085-1092), Prague

weight 0,79gr. ; silver Ø 17mm.

obv. Crowned bust of the king Vratislav facing right, robe stylized
by 2 parallel curved lines, 3 points below within circle, surrounded
by the legend; WRΛTIZLV - S
rev. In a circle, a Roman chapel on the right, on the left, a hand
holding a flag, surrounded by the legend; WEИC - EZLV - S

Vratislaus II (or Wratislav/Vratislav II) was born circa 1032 as  the son of Bretislaus I and Judith of Schweinfurt. On his father′s death in 1055, Vratislaus became duke of Olomouc, whereas his older brother became Duke of Bohemia as Spytihněv II. He fell out with his brother and was exiled to Hungary. Vratislaus regained the ducal throne of Olomouc with Hungarian assistance and eventually reconciled with his brother, then succeeded him as duke of Bohemia when he died in 1061. Both Pope Alexander II and Pope Gregory VII confirmed Vratislaus in the privilege of wearing the mitre and tunic which his predecessors had. Despite this, Vratislaus supported Henry in both the Investiture Controversy against the Popes and the rebellions in Saxony that dominated his long reign.

Vratislaus was often at odds with his brother Jaromír, Bishop of Prague. Jaromír, for his part, ignored the creation of a new Moravian diocese in Olomouc by Vratislaus in 1063. Jaromir even went so far as to retake, by arms, the relics removed from Prague and taken to Moravia. Despite the pope′s support for Vratislaus′ new see, the Bohemian duke was unswayed in his loyalty to the emperor. The Saxons revolted under Duke Magnus of Saxony and Otto of Nordheim, Duke of Bavaria, in 1070 and Boleslaus of Poland attacked Bohemia in 1071. In August 1073, Henry responded with an invasion of Poland, but a new Saxon revolt drew him back in 1075. Vratislaus joined him, and they defeated the rebels on 9 June at the First Battle of Langensalza. The Bohemian troops showed conspicuous bravery. Henry then took Jaromír to Germany to be his chancellor under the name of Gebhard and Vratislaus was greatly relieved.

Vratislaus also took part in the wars against the anti-kings who opposed Henry′s rule and were elected by a faction of the nobility to replace him. At the Battle of Flarchheim, only through the aid of Vratislaus′ contingent was the imperial army capable of overcoming the rebels of the papally-approved claimant Rudolf of Rheinfelden, Duke of Swabia. Vratislaus even succeeded in seizing Rudolf′s golden lance. The golden lance was then carried in front of Vratislaus on state occasions. Vratislaus raised an army to serve in Henry′s Italian campaign of 1081. In 1083, Vratislaus and his Bohemians were with Henry when they entered Rome itself. Despite his serving an excommunicated emperor, Vratislaus maintained good relations with the papacy. Nonetheless, Gregory refused to grant Vratislaus permission to use the Slavonic liturgy. Never, however, did Vratislaus link his fate with that of Henry′s antipope, Clement III. On 15 June 1085 Duke Vratislaus II was elevated to King of Bohemia by Emperor Henry IV and thus became the first king of Bohemia.

Vratislaus coveted the largely Slavic marches of Meissen and Lusatia, but, in spite of Henry′s promises and Bohemian successes against the rebellious margraves, he never received them. He held Lower Lusatia between 1075 and 1086, but in 1088, with the insurrection of Egbert II of Meissen, Henry granted the region to Henry of Ostmark. Vratislaus was thereafter cool to Henry′s military adventures. He never wavered in his loyalty, but he abstained from giving the emperor martial aid. Vratislaus died of a hunting wound on 14 January 1092 after a reign of thirty years. He was buried in St. Peter and Paul′s Church, Vyšehrad.

Cach 354 ; Donebauer 324 ; Marquis von Hohenkubin collection,
Lanz - Graz, Auction 13 (1979), no. 172-183 ; Šmerda 165

Beautiful specimen with excellent details. 
xf

€ 250,00 



BOHEMIA, DUCHY - VRATISLAV II, AS DUKE, 1061-1085 - Denar n.d. (1061-1085), Prague

weight 0,79gr. ; silver Ø 17mm.

obv. Head of St. Wenceslaus right within dotted circle,
surrounded by the legend; WEИCEZLVS
rev. Arm with hand holding a spear within circle,
surrounded by the legend; WRΛTIZLV - S

Vratislaus II (or Wratislav/Vratislav II) was born circa 1032 as  the son of Bretislaus I and Judith of Schweinfurt. On his father′s death in 1055, Vratislaus became duke of Olomouc, whereas his older brother became Duke of Bohemia as Spytihněv II. He fell out with his brother and was exiled to Hungary. Vratislaus regained the ducal throne of Olomouc with Hungarian assistance and eventually reconciled with his brother, then succeeded him as duke of Bohemia when he died in 1061. Both Pope Alexander II and Pope Gregory VII confirmed Vratislaus in the privilege of wearing the mitre and tunic which his predecessors had. Despite this, Vratislaus supported Henry in both the Investiture Controversy against the Popes and the rebellions in Saxony that dominated his long reign.

Vratislaus was often at odds with his brother Jaromír, Bishop of Prague. Jaromír, for his part, ignored the creation of a new Moravian diocese in Olomouc by Vratislaus in 1063. Jaromir even went so far as to retake, by arms, the relics removed from Prague and taken to Moravia. Despite the pope′s support for Vratislaus′ new see, the Bohemian duke was unswayed in his loyalty to the emperor. The Saxons revolted under Duke Magnus of Saxony and Otto of Nordheim, Duke of Bavaria, in 1070 and Boleslaus of Poland attacked Bohemia in 1071. In August 1073, Henry responded with an invasion of Poland, but a new Saxon revolt drew him back in 1075. Vratislaus joined him, and they defeated the rebels on 9 June at the First Battle of Langensalza. The Bohemian troops showed conspicuous bravery. Henry then took Jaromír to Germany to be his chancellor under the name of Gebhard and Vratislaus was greatly relieved.

Vratislaus also took part in the wars against the anti-kings who opposed Henry′s rule and were elected by a faction of the nobility to replace him. At the Battle of Flarchheim, only through the aid of Vratislaus′ contingent was the imperial army capable of overcoming the rebels of the papally-approved claimant Rudolf of Rheinfelden, Duke of Swabia. Vratislaus even succeeded in seizing Rudolf′s golden lance. The golden lance was then carried in front of Vratislaus on state occasions. Vratislaus raised an army to serve in Henry′s Italian campaign of 1081. In 1083, Vratislaus and his Bohemians were with Henry when they entered Rome itself. Despite his serving an excommunicated emperor, Vratislaus maintained good relations with the papacy. Nonetheless, Gregory refused to grant Vratislaus permission to use the Slavonic liturgy. Never, however, did Vratislaus link his fate with that of Henry′s antipope, Clement III. On 15 June 1085 Duke Vratislaus II was elevated to King of Bohemia by Emperor Henry IV and thus became the first king of Bohemia.

Vratislaus coveted the largely Slavic marches of Meissen and Lusatia, but, in spite of Henry′s promises and Bohemian successes against the rebellious margraves, he never received them. He held Lower Lusatia between 1075 and 1086, but in 1088, with the insurrection of Egbert II of Meissen, Henry granted the region to Henry of Ostmark. Vratislaus was thereafter cool to Henry′s military adventures. He never wavered in his loyalty, but he abstained from giving the emperor martial aid. Vratislaus died of a hunting wound on 14 January 1092 after a reign of thirty years. He was buried in St. Peter and Paul′s Church, Vyšehrad.

Saint Wenceslaus;
Wenceslaus I was born circa 907 as the son of Vratislaus I, Duke of Bohemia from the Přemyslid dynasty. Wenceslas I or Václav the Good was the Duke (kníže) of Bohemia from 921 until his death, probably in 935. According to the legend, he was assassinated by his younger brother, Boleslaus the Cruel. Wenceslaus was considered a martyr and saint immediately after his death, when a cult of Wenceslaus grew up in Bohemia and in England. Within a few decades, four biographies of him were in circulation. These hagiographies had a powerful influence on the High Middle Ages concept of the rex justus (righteous king), a monarch whose power stems mainly from his great piety as well as his princely vigor. Although Wenceslaus was only a duke during his lifetime, Holy Roman Emperor Otto I (962-973) posthumously ″conferred on Wenceslaus the regal dignity and title″, which is why he is referred to as ″king″ in legend and song. The hymn ″Svatý Václave″ (Saint Wenceslaus) or ″Saint Wenceslas Chorale″ is one of the oldest known Czech songs. Traceable to the 12th century AD, it is still among the most popular religious songs in the Bohemian lands. Wenceslaus′s feast day is celebrated on 28 September. On this day, celebrations and a pilgrimage are held in the city of Stará Boleslav, whereas the translation of his relics, which took place in 938, is commemorated on 4 March. Since 2000, the 28 September feast day has been a public holiday in the Czech Republic, celebrated as Czech Statehood Day.

Cach 353 ; Donebauer 322 ; Šmerda 164 ; Marquis von
Hohenkubin collection, Lanz - Graz, Auction 13 (1979),  167
Very minor flan crack, otherwise very attractive coin with excellent details.
xf/unc

€ 250,00 



CLAUDIUS, 41-54 - AV Aureus, Rome (49-50)

weight 7,77gr. ; gold Ø 19mm.

obv. Laureate head of Claudius right, surrounded by the legend;
TI CLAVD CAESAR AVG PM TR P VIIII IMP XVI
rev. Pax-Nemesis advancing right, holding drapery with right hand,
left hand pointing caduceus at snake, surrounded by the legend;
PACI AVGVSTAE

On the reverse of this coin a goddess is depicted that we very rarely encounter on Roman coins, namely the goddess Pax-Nemesis or Invidia. For the first time we see this goddess depicted on an aureus of C.Vibius Varus from 42 BC (Cr.494-35), the well-considered and educated Claudius probably wanted to refer to it on historical or symbolic grounds. Pax-Nemesis is the goddess of justified revenge. A current topic both in the turbulent period after Caesar′s murder and also in the time of Claudius, when intrigues and murders within the imperial family were in full swing.

In addition, she was the patroness of the gladiators during the Roman Empire. Triumphant generals also revered her. In relation to the text Pace Augustae (imperial peace) we should perhaps also see this image as a warning propaganda tool. The Roman Empire stands for peace, but its response will be cruel and merciless to those who oppose it.

cf. NAC Auction 138, Zürich 18-19 May 2023, Lot 645 (in unc- : SFR 32.000 + 22,5%)

♦ magnicicent portrait of emperor Claudius ♦

Cohen 60 ; RIC 46 (R3) ; BMC 51 ; Calicó 369 ; cf. Sear 1833 RR
very attractive lustrous specimen 
xf-

€ 19.500,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gehelmde rijksdaalder- of Prinsendaalder 1598, Utrecht

gewicht 28,63gr. ; zilver Ø 40mm.
muntmeester Hendrik Hendriksz van Domselaar
muntteken stadsschildje van Utrecht.

Munt met het portret van Willem de Zwijger (1533-1584); Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 – 10 juli 1584), ook algemeen bekend als Willem de Zwijger of Willem de Zwijgzame of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers. van de Tachtigjarige Oorlog en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis van Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd in 1544 Prins van Oranje en is daarmee de stichter van het adellijke tak Huis Oranje-Nassau en de stamvader van de monarchie der Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende oorspronkelijk de Habsburgers als lid van het hof van Margaretha van Parma, gouverneur van de Spaanse Nederlanden. Ontevreden over de centralisatie van de politieke macht in Spanje, waarmee de Nederlandse (hoge) adel veel van hun invloed verloor, en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Hij was de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen en leidde de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. In 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard, werd hij in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).

Munt met het portret van Willem de Zwijger (1533-1584); Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 – 10 juli 1584), ook algemeen bekend als Willem de Zwijger of Willem de Zwijgzame of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers. van de Tachtigjarige Oorlog en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis van Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd in 1544 Prins van Oranje en is daarmee de stichter van het adellijke tak Huis Oranje-Nassau en de stamvader van de monarchie der Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende oorspronkelijk de Habsburgers als lid van het hof van Margaretha van Parma, gouverneur van de Spaanse Nederlanden. Ontevreden over de centralisatie van de politieke macht in Spanje, waarmee de Nederlandse (hoge) adel veel van hun invloed verloor, en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Hij was de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen en leidde de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. In 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard, werd hij in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).

Alhoewel de naam van Willem van Oranje ″de Zwijger″ (1533-1584) niet excpliciet op deze munt vermeld wordt, hij was immers geen soeverein vorst,  is de gelijkenis met de prins groot. Met recht heeft deze rijksdaalder in de volksmond en bij verzamelaars de bijnaam ″Prinsendaalder″ gekregen. Het ontwerp van deze munt sluit nauw aan bij de vertrouwde Duitse (Saksische) talers.

Coin with the portrait of William the Silent (1533-1584) ;  William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.

Although the name of William of Orange "the Silent" (1533-1584) is not explicitly mentioned on this coin, as he was not a sovereign prince, the resemblance to the prince is great. This Rijksdaalder has rightly been nicknamed "Prinsendaalder" popularly and among collectors. The design of this coin is closely related to the familiar German (Saxon) talers.

Het betreft hier het eerste jaar van aanmunting van dit munttype. 

Delmonte 928; Verkade 103.1; CNM.2.43.76 ; HNPM.50 ;
van der Wiel 1e (JMP.1978-1979) ; Davenport 8861 
S
Lichte zwaktes van de slag en klein muntplaatoneffenheid op de voorzijde.
Schaars exemplaar.
zfr-

€ 650,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1769, Utrecht

gewicht 3,44gr. ; goud Ø 21mm.
muntmeester: Johan Christoph Novisadi
muntteken: stadsschildje van Utrecht

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met in zijn
rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een pijlenbundel
(7 pijlen), geflankeerd door het jaartal 17 -  67, omringd door de tekst;
CONCORDIA RES - PAR:CRES:TRA• - stadsschildje
kz. Gelijnd vierkant met bladversieringen op de hoeken en blad-
en schelpdecoraties aan de zijden met daarbinnen tekst in 5 regels;
MO:ORD: / PROVIN: / FOEDER: / BELG•AD / LEG•IMP.

♦ uiterst zeldzaam jaartal  /  extremely rare date ♦

Delmonte 965 (R3) ; Verkade 98.4 ; HNPM.27 ; CNM.2.43.46 ;
van der Wiel 160 (JMP.1975-1977) ; Friedberg 285 
RRR
zfr

€ 1.450,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Hongaarse dukaat 1591, Utrecht

gewicht 3,46gr. ; goud Ø 22mm.
muntmeester Hendrik Hendriksz van Domselaar
muntteken stadswapentje van Utrecht

vz. Heilige Ladislaus staande frontaal met een hellebaard in de
rechterhand, de linker aan het gevest van zijn zwaard, muntteken
stadswapentje van Utrecht tussen de voeten, V - D in het veld ter
weerszijden, binnen een parelcirkel. In de buitencirkel de tekst;
MO•AVRE x - OR•TRA•91 x (de letters V - D staan voor
″UNGARIAE DUCATUS″ ofwel "Hongaarse dukaat").
kz. Gekroonde maagd Maria met het kindje Jezus op haar schoot
binnen een parelcirkel, daaronder het provinciewapen van Utrecht
(klimmende leeuw naar links). In de buitencirkel de tekst;
xPATRONAx - xVNGARIAE

In de provinciale munthuizen liepen de zaken begin jaren 1590′ tamelijk slecht. De ′steygering′ van de munt had ervoor gezorgd dat de zware Leicester munten te duur waren en bijna niet gevraagd werden. De muntmeesters van de provinciale munthuizen, begrijpelijkerwijs bedacht op een rendabele bedrijfsvoering, hadden al snel getracht van hun regeringen toestemming te krijgen van de Leicestermunten over te gaan op de meer lonende internationale goudstukken en lichtere rijksdaalders, waarmee hun collega′s in Kampen en Hoorn goede zaken deden door een hogere muntequivalent en de daarvan aan de ontvanger geboden aantrekkelijke muntprijs: Utrecht had een proef gedaan in de vorm van een Hongaarse dukaat. Het bleef beperkt tot het slaan van een klein aantal proefstukken. Tot een echte omvangrijke aanmunting is het nooit gekomen, en men viel weer terug op de aanmunting van gouden dukaten van het Nederlandse type. Delmonte en van der Wiel registreerde van deze Hongaarse dukaat slechts 2 exemplaren; collectie K.P.K. te ′s-Gravenhage en De Nederlandsche Bank te Amsterdam. Munt van de hoogste zeldzaamheid.

Op de Hongaarse dukaten staat de heilige Sint Ladislaus afgebeeld. Hij was koning van Hongarije (1077-1095). Hij werd op 27 juni 1192 heilig verklaard door paus Celestinus III.

Delmonte 969 (R4) ; Verkade- ; van der Wiel 4 (JPM.1975-1977) ;
HNPM.28 ; CNM.2.43.39 ; Friedberg 281
RRRR
Miniem gegolfd muntplaatje.
zfr

€ 15.000,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Gouden dukaat 1729 van VOC-schip ′t Vliegent Hart

gewicht 3,46gr. ; goud Ø 23mm.
muntteken stadsschildje van Utrecht.
muntmeester Siberius van Romondt
muntmeesterteken roosje (tussen benen)

vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts met
in zijn rechterhand een geschouderd zwaard, in de linker een
pijlenbundel (7 pijlen), geflankeerd door het jaartal I7 -  29,
roosje tussen de benen, omringd door de tekst;
CONCORDIA RES - PAR - VÆ CRES TRA - stadsschildje
kz. Enkelvoudig gelijnd vierkant met krulversieringen een
elk der vier zijden, met daarbinnen de tekst in 5 regels;
MO ORD / PROVIN / FOEDER / BELG AD / LEG IMP

In de periode 1719 tot 1738 werden de muntstempels voor Utrecht vervaardigd door stempelsnijder Roelof van Cuylenburgh. Hij was niet de meest begenadigde stempelsnijder. Hij hanteerde een vrij grove, slordige en weinig vloeiende stijl. In veel gevallen zijn interpuncties in de teksten niet of gebrekkig aanwezig.  Dit geldt ook voor de gouden dukaten van 1729, waarbij de ridder erg ″houterig″ overkomt en waarbij iedere interpunctie achterwege is gelaten.

Afkomstig uit VOC-schip ’t Vliegent Hart’ (lees Hert), welke op de avond van 3 februari 1735 voor de Zeeuwse kust ten onder ging nadat het om 2 uur in de middag de rede van Rammekens had verlaten met de bestemming Batavia. Het was die avond op een zandbank gelopen en lek geslagen. De naam was waarschijnlijk bedacht door de burgemeester van Vlissingen, Johan van Buytenhem, die o.a. een hert in zijn familiewapen voerde. Het werd gebouwd in opdracht van de ″Kamer van Zeeland″ op de korendijkwerf te Middelburg. De lengte was 43,70 meter, de breedte 10,90 meter en het was uitgerust met 42 kanonnen. Er waren 256 personen aan boord w.o. 83 soldaten en 6 burgerpassagiers w.o. de befaamde advocaat Jan Douw, die te Batavia een betrekking aan het gerechtshof zou gaan vervullen. Alle kwamen om. Aan boord waren 3 schatkisten met 31800 gulden aan gouden munten en 35012 gulden aan zilveren munten. In 1982 werd een groot deel van deze lading geborgen. Deze munt wordt geleverd met certificaat.

Highly interesting gold ducat from VOC-Ship wreck ′t Vliegent Hart, which sank on the evening of 3 February 1735 for the coast of Zeeland (Netherlands). This ducat has never been in circulation and is nearly as struck. This coin comes with certificate.

Gebruikelijke zwaktes van de slag, doch feitelijk zoals geslagen.

Usual crude strike with weaknesses, but virtually as struck.

Delmonte 965 ; Verkade 98.4 ; HNPM.25 ; CNM.2.43.45 ;
van der Wiel 126 (JMP.1975-1977) ; Friedberg 285
R
unc

€ 2.750,00 



ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP VLAANDEREN - GWIJDE VAN DAMPIERRE, 1278-1305 - Kleine penning of maille z.j. (ca.1278-1305), Gent

gewicht 0,41gr. ; zilver Ø 10mm.

vz. Ridderhoofd met maliënkolder naar links, getooid met een rechthoekige
helm dat versierd is met drie kleine ringen en heeft een lelie of kuif als hoofdtooi.
Achter het portret vier kleine bolletje geformeerd tot kruis. 
kz. Lang dubbel gelijnd ankerkruis met in het hart een stip.

Ten tijde van Gwijde van Dampierre werd een nieuw munttype ingevoerd. Het zijn zogenaamde anepigrafische munten, d.w.z. zonder enige tekst. Er is thans geen enkele verwijzing in tekst meer naar de muntheer of muntplaats. Daaraan zullen de ontvangers van deze munten zich destijds echter weinig gelegen aan hebben liggen. Zij wisten heel goed dat de krijger bij Brugge hoort, een geometrisch motief of schild naar ieper of Rijssel verwijst en het gehelmde ridderhoofd bij Gent hoort. Dit munttype is de laatste kleine penning die te Gent werd aangemunt. In de 14e eeuw zouden het vooral de Tourse groot en de sterling zijn die het muntbeeld domineerden.

Haeck 201-202 ; Gaillard 83-87 ; Ghijssens 465/468 ; 
vgl. Slg. de Wit 1266 ; Martiny 11-1 ; Vanhoudt G.2416

zfr/pr

€ 250,00 



ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP VLAANDEREN - PERIODE MARGARETHA II VAN CONSTANTINOPEL, 1244-1278 & GWIJDE VAN DAMPIERRE,1278-1305 - Maille of halve penning z.j. (circa 1259-1305), Brugge

gewicht 0,44gr. ; zilver Ø 11mm.

vz. Ridder staande naar rechts met geheven zwaard in rechterhand
en schild in de linker, ruitersporen aan zijn schoenen  
kz. Dubbel geruit kruis met in ieder hoek een roosje

Het motief binnen het schild dat de ridder voor zich houdt bestaat uit schuin naar de rand uitlopende lijnen conform het oude Vlaamse wapen. Pas in de 14e eeuw zien we het oude wapen op de munten volledig verdwijnen.

Een maille is een halve denier (of halve penning). De denier was de standaard muntwaarde; 240 deniers gingen in een pond. Het zijn heel kleine zilveren middeleeuwse muntjes van circa 0,4 gram en rond de 11 mm in diameter. Ze werden in het graafschap Vlaanderen en omliggende gebieden geslagen vanaf het midden van de 12e eeuw tot de 13e eeuw. In het Nederlands worden ze ook wel mijt genoemd, zoals we kennen in de uitdrukking "geen mijt (mieter) waard" of aangeduid als een obool (een halve denier).

Op de kleine zilveren penningen (of nauwkeuriger gezegd: de mailles of halve deniers) die in de 13e eeuw in Brugge werden geslagen, is de afbeelding van een geharnaste, staande ridder met een zwaard en schild een van de meest iconische motieven. De symboliek achter deze specifieke weergave is diep geworteld in de politieke, militaire en economische realiteit van het middeleeuwse Graafschap Vlaanderen. Dit motief draagt verschillende lagen van betekenis met zich mee. Zo symboliseert de geharnaste ridder met getrokken zwaard de militaire paraatheid en de plicht van de graaf om zijn territorium en zijn onderdanen te beschermen. Het toont de graaf niet in statige vorstelijke kledij, maar als de ultieme verdediger en krijger van de regio. Dit was een directe boodschap van autoriteit naar zowel de opstandige steden binnen Vlaanderen als naar de koning van Frankrijk, aan wie de graaf van Vlaanderen feitelijk onderhorig was.

Brugge ontwikkelde zich in de 13e eeuw tot een wereldstad en een internationaal handelscentrum. Hoewel grotere zilveren munten (zoals de groot) werden gebruikt voor de internationale handel, waren deze kleine mailles bedoeld voor de lokale economie. Ze dienden onder andere voor het betalen van daglonen en lokale markttransacties.

Haeck 159 ; Gaillard 59b ; Ghijssens 430 ; Vanhoudt G.2399 R
Attractief exemplaar met een mooi patina. Zeldzaam.
zfr/pr à zfr+

€ 325,00 



CYPRUS & JERUSALEM, KINGDOM (CRUSADERS STATE) - HENRI II, 2nd reign, 1310-1324 - Gros n.d., Nicosia

weight 4,62gr. ; silver Ø 26mm.
series 1A

obv. Crowned king seated facing on curule chair with lion-head ornaments.
He holds a sceptre in right hand and a globus cruciger in his left, six-pointed
star in left field, surrounded by the legend; HЄNRI  -  RЄI DЄ
rev. Cross of Jerusalem (large cross with a square in the centre, with smaller
crosses in each quarter part), surrounded by a beaded ring. Another beaded
ring on the rim, with the inscription between the rings; ✠ IЄRVSAL′M Є D′CHIPR′

The Kingdom of Cyprus was a Crusader state that existed between
1192 and 1489. It was ruled by the French House of Lusignan.

The Kingdom of Jerusalem was a Crusader state, founded by Christian princes in 1099 when the First Crusade took the city. Godfrey of Bouillon, the first ruler of the Kingdom of Jerusalem, himself refused the title of king, and instead chose the title "Defender of the Holy Sepulchre". Thus, the title of king was only introduced for his successor, King Baldwin I in 1100. The city of Jerusalem was lost in 1187, but the Kingdom of Jerusalem survived (also known as the "Second Kingdom of Jerusalem"), moving its capital to Acre in 1191. The city of Jerusalem was re-captured in the Sixth Crusade, during 1229–39 and 1241–44. The Kingdom of Jerusalem was finally dissolved with the fall of Acre and the end of the Crusades in the Holy Land in 1291. During his first reign (1285-1306) Henry II was the last king of Jerusalem who actually reigned over the holy city and with his death in 1324 he was the last Frankish king to rule on the mainland of Palestine. After the Crusader States ceased to exist, the title of King of Jerusalem was claimed by a number of European noble houses descended from the kings of Cyprus or the kings of Naples. The (purely ceremonial) title of King of Jerusalem is currently used by Felipe VI of Spain. It was claimed by Otto von Habsburg as Habsburg pretender, and by the kings of Italy (House of Savoy) until 1946.

Metcalf, coinage of the Crusades and the Latin East, 676-682 ;
MPS.58 ; Metcalf 35-132 ; Lambros G, 32 ; Schlumberger VI, 21 ;
Boutin Pl. XLVI, 874 ; Metcalf & Pitsillides pl.8 & 9
Struck with some minor weaknesses.
xf

€ 425,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - FRIESLAND - ½ Driegulden 1696, Leeuwarden

gewicht 15,72gr. ; zilver Ø 34mm.
muntmeester: Johannes Hendricus Valckenier
zonder munt- of muntmeesterteken

vz. De Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed
in de rechthand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke is
geplaatst op een rijkelijk versierd altaar, daaronder 1696,
omringd door de tekst; HAC NITIMVR - HANC TVEMVR
kz. Gekroond generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding
½ - 3GL, omringd door de tekst; MO:ARG:ORD:FÆD:BELG:FRI:

In de periode van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ging men in Friesland over tot het aanmunten van de halve driegulden (1½ gulden) om te voldoen aan de muntordonnanties van de Staten-Generaal. De belangrijkste redenen hiervoor waren:

• De introductie van de generaliteitsmunten: Aan het einde van de 17e eeuw (in 1694) werd de generaliteitsgulden en de grotere zilveren driegulden ingevoerd om meer eenheid te brengen in het chaotische muntstelsel van de Republiek. Friesland sloeg in navolging hiervan (onder andere in het bekende muntjaar 1696) de driegulden, maar ook de halve driegulden. Dit gebeurde om te zorgen voor voldoende gangbare pasmunten van een lagere waarde in het dagelijkse handelsverkeer.

• Winstgevendheid voor de muntmeester: Het slaan van kleinere zilveren munten (zoals enkele guldens of stuivers) was voor provinciale muntateliers heel arbeidsintensief en bracht relatief hoge productiekosten met zich mee. Omdat de aanvoerlijnen van zilver vanuit Amsterdam naar het Friese munthuis in Leeuwarden lang en duur waren, sloegen de muntmeesters bij voorkeur grotere zilverstukken (zoals de driegulden en halve driegulden). Hierop kon een betere winstmarge worden behaald, terwijl ze toch voldeden aan de wettelijke verplichting om geld voor het betalingsverkeer te leveren.

Het betreft hier de eerste, en tegelijk laatste Friese ½ generaliteitsdriegulden. Dit exemplaar is nog geslagen zonder de veel voorkemende stempelbreuk bij de E in BELG. Wel heeft het de gebruikelijke zwakke slag in het centrum.

Delmonte 1160 ; Verkade 126.2 ; HNPM.49 ;
CNM.2.16.98 ; Jasek 80A

zfr

€ 250,00 



VESPASIANUS (VESPASIAN), 69-79 - AR Denarius, Ephesos (71)

weight 3,17gr. ; silver Ø 17mm.

obv. Laureate head of Vespasianus right, around the text;
IMP CAESAR VESPAS AVG COS III TR PPP
rev. Ceres, draped, seated left in decorated chair with high back, 
holding two corn-ears and poppy in right hand and cornucopia in left, 
around the text; CONCORDIA AVG, EPHE in exergue
(PHE in monogram)

♦ a rare Ephesos denarius in excellent state of preservation ♦

Cohen 67 ; BMC 453 ; RIC 1428 ; RPC 830 ; Sear 2269  R
Wonderful coin with fine details and attractive toning.
Hard to find this nice. Rare.
xf-

€ 1.100,00 



NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - UTRECHT - Zilveren rijder 1755/53, Utrecht

gewicht 32,63gr. ; zilver 41mm.
muntmeester: Johan Ernst Novisadi
muntteken: stadsschildje van Utrecht
stempelsnijder: Cornelis van Swinderen
met fijne kabelrand

vz. Geharnaste ridder met een sjerp om en met een geheven zwaard
in de rechterhand gezeten op een naar rechts galopperend paard met
op de voorgrond het gekroonde provinciewapen en omringd door
de tekst: MO : NO : ARG : CON - FOE : BELG : PRO : TRAI •
kz. Gekroond Generaliteitswapen gehouden door twee frontaal
aanziende gekroonde leeuwen, daaronder I755 binnen een
cartouche van bladornamenten, omringd door de tekst;
CONCORDIA - RES PARVÆ - CRESCUNT. stadsschildje

Geslagen met gesoigneerde stempels en met een fijne kabelrand. Het jaartal 1755 is gewijzigd uit 1753. Onbekend bij van der Wiel en Delmonte. Zeer zeldzaam.

De muntstempels werden vervaardigd door de Haagse stempelsnijder Cornelis van Swinderen. Cornelis werd op 7 februari 1707 geboren als zoon van de stempelsnijder Bartholomeus van Swinderen en Sara Drappentier, beiden telgen uit families van stempelsnijders. Zijn oom Daniël Drappentier, de Dordtse stempelsnijder, was getuige van zijn doop; zijn neef Nicolaes van Swinderen was een beroemd medailleur.

In 1738 werd hij aangesteld als stempelsnijder aan de Munt te Utrecht en zou dat tot aan zijn dood op 31 januari 1757 blijven. Zijn munten tonen aan dat hij een artistiek en begaafd man was die het vak beheerste en we kunnen gerust stellen dat de Utrechtse munten uit zijn periode tot de fraaiste gerekend kunnen worden van de Utrechtse muntslag.

♦ fantastisch exemplaar - magnificent example ♦

Delmonte- (vgl.1031) ; Verkade 100.3 ; vgl. van der Wiel  53a (JMP.1961) ;
HNPM.59 ; CNM.2.43.101
RR
unc-

€ 5.950,00 



AUGUSTUS, 27 BC-14 AD - AR Denarius, Lugdunum (2-1 BC)

weight 3,81gr. ; silver Ø 19mm.

obv. Laureate head of Augustus right, surrounded by the legend; 
CAESAR AVGVSTVS DIVI F PATER PATRIAE
rev. Caius and Lucius Caesars standing facing, each togate and resting
hand on shield; behind each shield a spear, above simpulum (on right,
turded inwards) and lituus (on left, tuned inwards), surrounded by the
legend; C L CAESARES AVGVSTI F COS DESIG PRINC IVVENT

Caius Julius Caesar (20 BC – 21 February AD 4) was consul in AD 1 and the grandson of Augustus, the first emperor of the Roman Empire. Although he was born to Marcus Vipsanius Agrippa and Julia the Elder, Augustus′ only daughter, Caius and his younger brother, Lucius Caesar were raised by their grandfather as his adopted sons and joint-heirs to the empire. He would experience an accelerated political career befitting a member of the Julio-Claudian dynasty, with the Roman Senate allowing him to advance his career without first holding a questorship or praetorship, offices that ordinary senators were required to hold as part of the cursus honorum. In 1 BC Caius was given command of the eastern provinces, after which he concluded a peace treaty with King Phraates V of Parthia on an island in the Euphrates. Shortly afterward, he was appointed to the office of consul the following year in AD 1. The year after Caius′ consulship, Lucius died at Massilia in the month of August. Approximately eighteen months later, Caius died of an illness in Lycia. Although he married his second cousin Livilla prior to his death, they did not have children. Following the deaths of Gaius and Lucius, Augustus adopted his stepson as well as his sole-surviving grandson – Tiberius and Agrippa Postumus, respectively – in AD 4.

Rare variety with simpulum on right, turded inwards and lituus on left, tuned inwards. The visa versa version is much more common (more then 90% of the denarii from this type has the simpulum on the left, and the lituus on the right).  Rare.

♦ exceptional high quality denarius of Augustus ♦

cf. Cohen 43 ; RIC 210 ; BMC 540 ; cf. Sear 1597 R
Very attractive lustrous coin with excellent details.
Near mintstate. Very rare as such.

unc-

€ 1.950,00 





© Copyright 2012  |  Munthandel G. Henzen  |  Tel. +31(0)343-430564  |  Fax +31(0)343-430542  |  info@henzen.org | Privacybeleid | Bestelling herroepen