
 |
|
|  |
 |
 |
ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP NAMEN - ALBERT III, 1064-1102 - Penning z.j., Dinant
gewicht 0,69gr. ; zilver Ø 15mm.
vz. Portret frontaal, haar gekamd met scheiding in het midden, uitstekende grote snor en baardharen, omringd door de tekst; ALBERTVS kz.Toren met rond dak omringd door enkele stippen en parelcirkel op de achtergrond, omringd door de tekst; DEO ∘ • ∘ NAN
Albert III werd rond 1035 geboren als zoon van graaf Albert II van Namen en Regelindis van Lotharingen. In 1063 volgde Albert zijn vader na diens dood op als graaf van Namen. Albert was gehuwd met Ida van Saksen († 31 juli 1102). Ze kregen 5 kinderen. In 1070 werd hij na de dood van de hertog van Neder-Lotharingen, Godfried II met de Baard, aangesteld tot voogd van de abdij van Stavelot-Malmedy. Hierdoor kreeg hij het publiekelijke gezag over een enorm en strategisch gunstig gelegen gebied dat zich uitstrekte van het dal van de Amblève tot aan de meanders van de Ourthe.
In Neder-Lotharingen werd hij tot vice-hertog benoemd als waarnemer voor de dan pas tweejarige Koenraad van Franken, zoontje van de Duitse keizer Hendrik IV. Bij die gelegenheid ontving hij de villa Echt (Limburg) die hij in leen gaf aan Gerard van Wassenburg. Albert werd door de Duitse koning beleend als graaf van Verdun en behartigde de belangen van Mathilde van Toscane, de weduwe van Godfried met de Bult.
Albert raakte evenwel met andere Lotharingse krijgsheren in een jarenlange strijd verwikkeld. Met Godfried van Bouillon, erfgenaam van Godfried III (met de Bult), twistte Albert van Namen om zekere erfrechten van zijn moeder Regelindis. Hij wist Godfried niet te verdrijven uit Stenay van waaruit deze het gebied van Verdun telkens bedreigde. Albert staakte uiteindelijk de vijandelijkheden en sloot zich aan bij de Godsvrede van Luik (1082).
Na in 1085 de keizerlijke veldheer, paltsgraaf Herman II van Lotharingen, te hebben gedood tijdens een dispuut omtrent het oprichten van een burcht te Dalhem, viel Albert in ongenade bij keizer Hendrik IV. Weldra werd hij ontheven uit zijn hertogelijke functies ten gunste van Godfried van Bouillon. Hij verwierf later nog het graafschap Château-Porcien bij het huwelijk van zijn zoon Godfried van Namen in 1087. Een andere zoon van hem, Frederik van Luik, werd bisschop van Luik. Albert III overleed op 22 juni 1102.
Van dit munttype zijn slechts enkele exemplaren bekend. Uiterst zeldzaam.
obv. Portrait frontal, hair combed with parting in the middle, protruding large moustache and beard hairs, surrounded by the legend; ALBERTVS rev. Tower with round roof surrounded by some dots and pearl circle in the background, surrounded by the text; DEO ∘ • ∘ NAN From this coin type only a few specimens are known. Extemely rare.
Dannenberg- ; Alvin 1910, 524, nr. 1 ; Ilisch, JMP.2014, p.183, no. 30.14 RRR Geslagen met de gebruikelijke zwaktes, keerzijde licht gedecentreerd. zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP NAMEN - WILLEM I “DE RIJKE” VAN DAMPIERRE, 1337-1391 - Leeuwengroot z.j. (circa september 1337 - december 1339), Bouvignes
gewicht 3,48gr. ; zilver Ø 27mm.
vz. Klimmende leeuw naar links omgeven door de tekst; MONЄTA•BOVINЄS en adelaar. Ditalles binnen een cirkel. In de buitencirkel een boord van 12 dubbelgelijnde boogjes, waarbinnen een hulstblad kz. Halflang gevoet kruis met in de middelste cirkel de tekst; GVI - LLE - M CO - MES. In de buitencirkel de tekst; +BNDICTV⋮SIT⋮NOMЄ⋮DNI⋮NRI⋮DЄI⋮IHV⋮XPI
Bouvignes, thans een deelgemeente van Dinant, wordt het eerst vermeld in de 7e eeuw. De plaats, die stadsrechten had, werd in 1176 ook met stadsmuren versterkt en was sedert de 13e eeuw verwikkeld in een verbitterde concurrentiestrijd met het aangrenzende Dinant. De rivaliteit had alles te maken met de industriële productie van de zogenaamde dinanderie (messing kunstvoorwerpen). Ook het feit dat Bouvignes deel uitmaakte van het graafschap Namen, terwijl Dinant behoorde tot het prinsbisdom Luik, werkte de onenigheid in de hand. Het kwam tussen beide steden herhaaldelijk tot bloedige incidenten, die, als men de overlevering mag geloven, hun gruwelijke hoogtepunt bereikten in 1466, met de val van Dinant: de haatdragende inwoners van Bouvignes zouden Karel de Stoute op het idee gebracht hebben 800 Dinantezen in de rivier te verdrinken, als wraak voor hun opstand tegen zijn vader Filips de Goede. Bouvignes werd op zijn beurt in 1554 - in volle bloeiperiode - net als Dinant door de troepen van Hendrik II van Frankrijk verwoest, in het kader van diens oorlog tegen keizer Karel V. In opdracht van Hendrik II werden de wallen en andere verdedigingswerken afgebroken. Ook de burcht Crèvecoeur, dat in 1320 was gebouwd, werd verwoest. Thans rest daarvan nog een indrukwekkende ruïne. Ondanks de verwoestingen heeft de Romaans-Gotische Sint-Lambertuskerk de tand des tijds goed doorstaan en heeft het stadje nog altijd een mooi historisch centrum. Chalon 156var. ; de Mey 208 ; Torongo/van Oosterhout type IV-b (dit exemplaar); Vanhoudt G.2266 ; Coll.Genaert 674 (dit exemplaar) RRRR (ex. veiling Coin Investment, Lisse 1996, Nr.454) Kleine zwaktes van de slag, doch attractief exemplaar met goed leesbare teksten. zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP NAMEN (NAMUR) - PHILIPS DE GOEDE, 1421-1467 - Gouden Pieter z.j. (circa 1429-1433), Namen
gewicht 3,57gr. ; goud Ø 28mm.
vz. Sint Pieter met nimbus en twee sleutels binnen boogjesversiering binnen een parelcirkel, daarvoor het Bourgondische wapenschild, omringd door de tekst; ✠ PHS′:DVX:BVRG′ * – * BRAB′:Z:LIMB′ kz. Kort gebloemd kruis, roosje in een ruitvormig opengewerkt hart, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; PAX:XPI:MANЄAT:SЄMPЄR:NOBISCVM (vertaald : De vrede van Christus zal altijd met ons zijn)
In 1433 werd besloten tot aanmunting van Gouden Pieters, alle op titel van Brabant. Naast Leuven vond deze aanmunting ook plaats buiten Brabant, en wel in Namen, Zevenbergen (Holland) en Valenciennes (Henegouwen). Deze stukken hebben ieder hun eigen kenmerken. Zo hebben de stukken van Leuven een enkele lelie in het 1e en 4e kwadrant van het Bourgondisch wapen, de stukken van Namen drie lelies, de stukken van Zevenbergen hebben na LIMB nog te toevoeging Z.Z en de stukken van Valenciennes hebben op de keerzijde een leeuwtje als initiaalteken i.p.v. een kruisje. Zeldzaam.
Delmonte 421 ; Chalon 204 ; Vanhoudt G.2318 ; de Mey 273 ; Vanhoudt/Saunders 484 (R2) ; Friedberg 349 R kleine zwaktes van de slag, doch voor type een net exemplaar zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
ZUIDELIJKE NEDERLANDEN (SOUTHERN NETHERLAND) - GRAAFSCHAP NAMEN (NAMUR) - PHILIPS DE SCHONE, 1482-1506 - Stuiver z.j. (1497-1499), Namen
gewicht 2,58gr. ; zilver Ø 26mm. muntteken vuurijzer
vz. Gekroond wapen van Oostenrijk-Bourgondië binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; PHS′+DЄ′+GRA′+ARCHID′+AVS′+DVX+BG+C+NA kz. Lang gevoet kruis geplaatst over een parelcirkel met daarbinnen een vierpas, vuurijzer een een ruitvormig opengewerkte hart, omringd door de tekst; SIT+NO - MЄ′+DO - MN+BЄ - NЄD′TV′
Op de keerzijde is een klop ″burcht met drie torens″ aangebracht. Deze klop werd aangebracht door een autoriteit in de Bourgondische Nederlanden, ergens in het tweede kwart van de 16e eeuw. In het verleden is het vanwege de burcht toegeschreven aan muntplaatsen als Doornik, Middelburg en Kampen, maar enig bewijs daarvoor ontbreekt. Mogelijk stelt het de burcht van Castilië voor, dat we ook terugzien in het wapen van Karel V en zo wellicht symbool staat voor de landelijke overheid. De reden van de klop is onbekend, maar het zal ongetwijfeld de geldigheid hebben moeten waarborgen op een bepaald moment in een bepaald gebied. De klop is niet echt zeldzaam, dus het moet een vrij omvangrijke actie zijn geweest, mogelijk vanuit het landsbestuur in Brussel. (ref. van der Wis (II) blz. 136, type A30)
On the reverse we see a countermark "castle with three towers". This countermark was applied by an authority in the Burgundian Netherlands, somewhere in the second quarter of the 16th century. In the past it has been attributed to mints such as Tournai, Middelburg and Kampen because of the castle, but there is no evidence for this. It possibly represents the castle of Castile, which we also see in the coat of arms of Charles V and thus perhaps symbolizes the national government. The reason for the countermark is unknown, but it must undoubtedly have had to guarantee the validity at a certain time in a certain area. The countermark is not really rare, so it must have been a fairly extensive action, possibly from the national government in Brussels. Very interesting. (ref. van der Wis (II) blz. 136, type A30)
van Gelder & Hoc 112-7 ; Chalon 215 ; de Mey 288 ; Vanhoudt 142.NA zwaktes van de slag fr/zfr à zfr- |
|
|  |
 |
|
|  |
|