
 |

LANDGEWEST WEST-FRIESLAND
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gouden rijder van 14 gulden 1761, Enkhuizen
gewicht 9,85gr. ; goud Ø 27mm. muntmeester Theunis Kist muntmeesterteken haan variant: zonder punt achter CRESCUNT
vz. Nederlandse gehelmde ridder te paard naar rechts, sjerp om middel wapperend naar achteren, geheven zwaard in zijn rechterhand, daaronder het gekroonde wapen van West-Friesland, omringd door de tekst; MO : AUR : PRO : CONFOED : - BELG : WESTF. haan naar links kz. Gekroond generaliteitswapen, daarboven I7 - 6I, geflankeerd door de waarde aanduiding 14 - GL, omringd door de tekst; CONCORDIA • RES:PARVÆ • CRESCUNT
Muntmeestertekens werden op verschillende gronden gekozen door de muntmeesters. Soms willekeurig of met een referentie naar een familiewapen. Soms refereert het naar de familienaam van de muntmeester, zoals een haringbuis voor Pieter Buyskes of de kraanvogel voor Coenraad Hendrik Cramer. In dit geval moet het verband iets minder direct gezocht worden. De haan moet gezien worden als zinnebeeld voor de waakzaamheid over het muntwezen, in concreto de muntbus of geldkist. Hier zien we dus het verband tussen Kist en Haan. De muntmeester wilde hiermee blijkbaar symboliseren dat de muntzaak bij hem in goede handen was. Delmonte 843 ; Verkade 60.3 ; HNPM.9 ; Pannekeet 93 ; CNM.2.46.3 ; Friedberg 298 R Bijzonder mooi exemplaar. pr/unc à unc- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gouden rijder van 14 gulden 1762, Enkhuizen
gewicht 9,88gr. ; goud Ø 28mm. muntmeester Pieter Buyskes muntmeesterteken haringbuis
Van de gouden rijders die in de jaren 1749-1763 zijn aangemunt, is het jaartal 1762, zoals ook bij de andere provincies, verreweg het minst voorkomend. Hiervoor is een verklaring. In 1749 hadden de Staten van Holland het besluit genomen tot het slaan van gouden rijders. Hiervoor werd vooral goud gebruikt van te lichte gouden dukaten, die op deze wijze uit omloop werden genomen. Het dukaten goud (986/1000) werd vermengd met zilver tot een gehalte van 917/1000, dat het vastgestelde gehalte van de gouden rijder werd. De uitgifte bleek een succes en ook andere provincie namen het voorbeeld van Holland over. De Staten-Generaal schreven voor dat de hele en halve gouden rijders uitsluitend mochten worden aangemunt in opdracht van de Provinciale Staten. Sommige muntmeesters hielden zich echter niet aan dit voorschrift en lieten ook particulier goud vermunten tot gouden rijders. Daarop werd bij resolutie van de Staten-Generaal van 3 november 1751 aan de provinciale muntmeesters bevolen de muntstempels van de hele en gouden rijders onklaar te maken. Verdere aanmunting werd dus verboden. Pas in 1760 besloten de Staten-Generaal dat de aanmunting hervat mocht worden, hetgeen meteen door de provincies werd opgevolgd. Als gevolg van internationale economische malaise gedurende de voortslepende Zevenjarige Oorlog (1756-1763) begon de goudprijs eind 1761 en begin 1762 dermate op te lopen dat de goudinhoud van de gouden rijder boven de 14 gulden kwam te liggen, waardoor aanmunting verliesgevend werd. De gouden rijder was immers een standpenning (vaste waarde) en geen negotiepenning (fluctuerende waarde). Later in 1762 kwam de aanmunting van hele en gouden rijder om die reden stil te liggen. Dit verklaard dus de zeldzaamheid van hele en gouden rijders van het jaar 1762. In 1763 veranderde die situatie en daalde de goudprijs weer. Na de Vrede van Hubertsburg in 1763 kwam zoveel muntmateriaal naar de Republiek, dat men er geen weg mee wist en de munthuizen het niet genoeg verwerken konden. Dat bleek echter een korte herleving van de gouden rijder, want eind 1763 stijgde de goudprijs weer en kwam een definitief einde aan de aanmunting van hele en halve gouden rijders.
Delmonte 843 ; Verkade 60.3 ; HNPM.9 ; CNM.2.46.3 ; Pannekeet 93 ; Friedberg 298 RR Weinig gecirculeerd exemplaar met scherpe details. pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - 1/20 Leicesterreaal of stoter 1595, Hoorn
gewicht 3,51gr. ; zilver Ø 24mm. muntmeester: Caspar Wijntgens muntteken: roos
vz. Gelauwerd en geharnast borstbeeld van de graaf van Leicester naar rechts, omringd door de tekst; + CONCORDIA•RES•PARVAE•CRESCVNT kz. Pijlenbundel van de Zeven Provinciën binnen versierd ovaal, omringd door de tekst; MONE•BELGICA•WESTFRISIAE•1595✿
Het betreft hier een navolging van de stoter die ten tijde van de landvoogd Leicester (1586/1587) werd geïntroduceerd. Deze stoter is de enige Leicestermunt die voor West-Friesland is geslagen. Ze komen niet veelvuldig voor in de handel. Zeldzaam.
De stoter duikt in de 15e eeuw op als Nederlandse benaming voor de Engelse groat, een zilveren munt die onder meer in het toen nog Engelse Calais werd geslagen en ook in de Nederlanden in omloop was. De waarde kwam grofweg overeen met de Bourgondische dubbele stuiver. Rond 1500 was door de verlaging van het zilvergehalte van de Bourgondische zilverstukken de koers van de stoter gestegen tot 2½ stuiver. De Engelse groat verdween, maar andere laat 16e-eeuwse zilverstukken van 2½ stuiver, zoals de 1/20 philipsdaalder en de 1/20 leicesterreaal werden ook stoter genoemd. Die laatste werden aangemunt in de jaren van de opstand tegen het Spaanse gezag, toen Engeland de Nederlanden te hulp kwam en Robert Dudley, graaf van Leicester als landvoogd werd aangesteld. Deze flamboyante graaf kwam al snel in aanvaring met de Staten van Holland. Toen de graaf in 1587 onverrichter zake vertrok, werd er geen poging meer gedaan een nieuwe vorst te vinden. De republiek was een feit. De zilveren leicesterreaal, met de afgeleiden ½ leicesterreaal en 1/20 leicesterreaal of stoter, werden tijdens het bewind van Leicester ingevoerd volgens het ″Muntplakkaat van Leicester″ van 4 augustus 1586, en zijn in feite de eerste generaliteitsmunten. De munten uit de serie droegen de beeldenaar van Leicester en zijn nog tot 1597 aangemunt door meerdere gewestelijke munthuizen. In de 17e eeuw verdween het muntstuk uit omloop, maar het begrip stoter bleef nog tot ver in de 19e eeuw in gebruik als rekeneenheid van 2½ stuiver en later 12½ cent.
Verkade 62.4 ; HNPM.19 ; CNM.2.46.19 ; Pannekeet 25 R Lichte zwaktes van de slag, doch voor dit munttype een net exemplaar. zfr- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Leeuwendaalder 1641, Enkhuizen
gewicht 26,96gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester: Nicolaas Wijntgens muntmeesterteken: lelie
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO•CON - FOE•BELG•WEST kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; lelie CONFIDENS•DNO•NON•MOVETVR•1641
Binnen de landstreek West-Friesland, gelegen in het Noorderkwartier van de provincie Holland, was de Munt afwisselend gevestigd te Hoorn, Medemblik en Enkhuizen. Deze leeuwendaalder is geslagen te Enkhuizen in een tijd dat deze stad haar grootste bloeitijd doormaakte. De stad telde in de 17e eeuw de grootste haringvloot van de Nederlanden, en bezat tevens een kamer van de VOC. Ook de West-Indische Compagnie was in de stad vertegenwoordigd. Door handel op de Oostzeelanden, Engeland, West-Afrika en Indië werd Enkhuizen rijk. De stad telde zo′n 25.000 inwoners, aanzienlijk meer dan het huidige aantal.
Within the region of West-Friesland, a part of the province of Holland, the Mint was alternately located in Hoorn, Medemblik and Enkhuizen. This lion dollar was minted in Enkhuizen at a time when the city was experiencing its greatest heyday. In the 17th century, the city had the largest herring fleet in the Netherlands, and also had a chamber of the VOC. The West India Company was also represented in the city. Enkhuizen became rich through trade with the Baltic countries, England, West Africa and the Indies. The city had around 25,000 inhabitants, considerably more than the current number.
Delmonte 836 ; Verkade 66.4 ; HNPM.17 ; CNM.2.46.24 ; Pannekeet 34 ; Davenport 4870 zwaktes van de slag fr/zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Leeuwendaalder 1644/42, Hoorn
gewicht 26,99gr. ; zilver Ø 39mm. muntmeester Nicolaas Wijntgens muntmeesterteken lelie
Het jaartal 1644 is gewijzigd uit 1642. Pannekeer signaleerde van deze jaartalwijziging slechts 1 exemplaar. Uiterst zeldzaam.
The year 1644 has been altered from 1642. Pannekeet listed only 1 specimen. Extremely rare.
The lion dollar circulated throughout the Middle East and was imitated in several German and Italian cities. It was also popular in the Dutch East Indies as well as in the Dutch New Netherlands Colony (New York). The lion dollar also circulated throughout the English colonies during the Seventeenth and early Eighteenth centuries. Examples circulating in the colonies were usually fairly well worn so that the design was not fully distinguishable, thus they were sometimes referred to as ″dog dollars.″ Larger Dutch silver coins as the ducatoon and the ″rix″ dollar (rijksdaalder) were also used in the colonies but neither of these coins had such a wide circulation or long lasting influence as the lion dollar.
In Maryland the lion dollar was mentioned as the most important circulating coin in documents of 1701 and 1708, with its value stated as 4s6d. It is reported by Felt (p. 250) that a deposition was taken in Boston on July 29, 1701 stating that ″Dog or Lion dollars″ had been counterfeited in Massachusetts. In 1708 the New York Assembly set the value of the lion dollar at 5s6d. Also, the New York paper currency emission of November 1, 1709 was issued as amounts of sterling silver expressed in denominations of 4, 8, 16 and 20 lion dollars, with 13.75 oz. of silver equal to 20 lion dollars. Mossman also states lion dollars were used in Pennsylvania, New Jersey and Virginia. In April of 1998 a Mike Cato from Virginia sent me an e-mail that he had discovered a 1640 lion dollar while metal detecting. In the hoard collected from the H.M.S. Feversham, which sank on October 7, 1711 after leaving New York, there were 22 lion dollars (quantitatively third only to the 504 Spanish Colonial silver coins and the 126 specimens of Massachusetts silver). Also, two lion dollars were inventoried in the hoard discovered in Castine, Maine, thought to have been deposited there in 1704 by French colonists fleeing from the English. It should be recalled that most of the Castine hoard was dispersed before an inventory could be produced. Lion dollars were no longer minted after 1713, during the Eighteenth century they were replaced in the Mideast by the Austrian thaler. In the English colonies New World Spanish silver had always held first place and with the advent of the famous milled silver coinage in 1732, the Spanish milled dollar absorbed the lion dollar′s share of the market.
Delmonte - (vgl.836) ; Verkade 66.4 ; HNPM.17 ; CNM.2.46.24 ; Pannekeet 34 ; Davenport 4870 RRR vf- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - ½ Leeuwendaalder 1647, muntplaats ? - CONTEMPORAINE IMITATIE
gewicht 16,51gr. ; zilver Ø 33mm. muntteken: rozet / bloem
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO•CON – FOE•BELG•WEST kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; CONFIDENS•DNO•NON•MOVETVR•I647✿
De Nederlandse ½ leeuwendaalder had een officieel voorgeschreven gewicht van 13,84 gram. Dit stuk is dus aanmerkelijk te zwaar. Daarnaast wijkt het qua stijl sterk af van de West-Friese halve leeuwendaalder uit die tijd. We hebben daarom te maken met eigentijdse imitatie. Waarschijnlijk is het geslagen in Oost-Europa, maar Italië of ergens in de Levant is ook een mogelijkheid. Als zodanig hoogst interessant en uiterst zeldzaam.
The Dutch ½ leeuwendaalder had an officially prescribed weight of 13.84 grams. This piece is therefore considerably too heavy. Furthermore, it differs significantly in style from the West Frisian half leeuwendaalder of that period. We are therefore dealing with a contemporary imitation. It was probably minted in Eastern Europe, but Italy or somewhere in the Levant is also a possibility. As such, it is highly interesting and extremely rare.
vgl. Delmonte 873 ; vgl. Verkade 66.5 ; vgl. HNPM.18 ; vgl.CNM.2.46.25 ; vgl. Pannekeet 35 ; Gamberini - RRR attractief patina zfr/pr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1593, Hoorn
gewicht 28,61gr. ; zilver Ø 42mm. muntmeester Caspar Wijntgens muntmeesterteken roos
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
vgl. Veiling 371 van Schulman BV, kavel 1558 in circa prachtig: € 3.000 + 20%
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; HNPM.22 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 Bijzonder mooi exemplaar met attractief portret van Willem de Zwijger. pr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1596, Hoorn
gewicht 28,56gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester Caspar Wijntgens muntteken roos
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; Pannekeet 20 ; HNPM.24 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 R Lichte zwaktes van de slag. Mooi patina. zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1597, Hoorn
gewicht 28,67gr. ; zilver Ø 40,5mm. muntmeester Caspar Wijntgens muntteken roos
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; Pannekeet 20 ; HNPM.24 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 R Minieme zwaktes van de slag, doch attractief exemplaar met een mooi patina en goed portret. Zeldzaam zfr+ |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1598, Hoorn
gewicht 28,73gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester Caspar Wijntgens muntteken roos
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
Kleine zwaktes van de slag, doch vrijwel ongecirculeerd prachtexemplaar met de originele muntkleur. Zeer zeldzaam in deze uitzonderlijk hoge kwaliteit.
Small weaknesses of the strike, but virtually uncirculated example with the original coin colour. Near mintstate. Very rare in this exceptionally high quality.
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; HNPM.24 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 R unc- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1598, Hoorn
gewicht 28,34gr. ; zilver Ø 42mm. muntmeester: Caspar Wijntgens muntteken: roos variant: zonder interpuncties op voor- en keerzijde
vz. Geharnaste buste van Willem van Oranje naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand, binnen een gekartelde cirkel, omringd door de tekst: DEVS FORTITVDO ET SPES NOSTR - A+1598+ kz. Het West-Friese wapen gedekt door toernooihelm met helmteken en lambrekijns binnen een gekartelde cirkel, omringd door de tekst; MONE NO ARG DO - MI WESTFRISIÆ✿
De Latijnse tekst Deus fortitudo et spes nostra betekent: ′God is onze sterkte en hoop′
The Latin text Deus fortitudo et spes nostra means: ′God is our strength and hope′.
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; HNPM.24 ; Pannekeet 20 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 Zwaktes van de slag, doch met een attractief patina. zfr- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Nederlandse rijksdaalder 1612/11, Enkhuizen
gewicht 28,72gr. ; zilver Ø 39mm. muntmeester Caspar Wijntgens muntmeesterteken roos
vz. Bovenlichaam van gelauwerde en geharnaste Nederlandse ridder naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand terwijl hij in de linkerhand het wapenschild van West-Friesland houdt aan een gelust koord, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO• - CONFOE•BELG•WEST - FRI ✿ kz. Gekroond generaliteitswapen, geflankeerd door I6 - I2, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; ✠ CONCORDIA • RES • PARVÆ • CRESCVNT
Het jaartal 1612 is gewijzigd uit 1611. Pannekeet signaleerde slechts 1 exemplaar van deze jaartalwijziging, in een particuliere collectie. Uiterst zeldzaam.
Delmonte 940 ; Verkade 64.3 ; HNPM.26 ; Pannekeet 32 (R3) ; CNM.2.46.31 ; Davenport 4842 RRR Attractief exemplaar met een mooi patina. zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Zilveren dukaat 1677, Enkhuizen
gewicht 27,72gr. ; zilver Ø 43mm. muntmeester David Hagenet zonder munt- of muntmeesterteken
Geslagen in de geoctrooieerde Munt van Enkhuizen, geëxploiteerd door de Amsterdamse juwelier Dirck Bosch. Om het octrooi definitief van de Staten van Holland te verkrijgen liet Bosch proefontwerpen vervaardigen door de vakkundige Amsterdamse medailleur Christoffel Adolphi. Op 17 december 1676 werd door de Staten van Holland definitief octrooi aan hem verleend. De daarop volgende muntslag kenmerkt zich door een zeer verzorgde muntslag, waarbij gebruik werd gemaakt van stempels van Christoffel Adolphi en de munten niet met de hand geslagen werden maar met behulp van de schroefpers. Dit type is drie jaar aangemunt, namelijk in 1676, 1677 en 1678. Het laatste jaar komt verreweg het minste voor. De munten van West-Friesland uit deze periode kunnen tot de fraaiste van het gewest worden gerekend, met veel gevoel voor stijl en detail.
Minted in the patented Mint of Enkhuizen, operated by the Amsterdam jeweler Dirck Bosch. In order to obtain the patent definitively from the States of Holland, Bosch had trial designs made by the skilled Amsterdam medalist Christoffel Adolphi. On 17 December 1676, the States of Holland granted him a definitive patent. The subsequent minting is characterized by a very well-maintained coinage, in which use was made of cutted dies by Christoffel Adolphi and the coins were not struck by hand, but with the aid of the screw press. This type has been minted for three years, namely in 1676, 1677 and 1678. The last year is by far the least common. The coins of West Friesland from this period can be counted among the finest in the region, with a great sense of style and detail.
Delmonte 972 ; Verkade 65.3 ; HNPM.78 ; CNM.2.15.2 ; Pannekeet 61 ; Davenport 4910 S Ietwat zwak geslagen, met name in het centrum, overigens mooi exemplaar met een zeer attractief patina. zfr à zfr+ |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Zilveren rijder 1661, Medemblik of Hoorn
gewicht 31,48gr. ; zilver Ø 44mm. muntmeester: Gerrit van Romondt Dzn. muntmeesterteken vijfbladige bloem
vz. Geharnaste ridder te paard naar rechts met in zijn rechterhand een geheven zwaard, daaronder het gekroonde wapen van West-Friesland, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO:NO•ARG•PRO:CON - FOE•BELG•WESTF - ✿ kz. Het gekroonde generaliteitswapen gehouden door twee frontaal aanziende leeuwen, daaronder een basis van bladornamenten, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; :CONCORDIA• - RES PARVAE• - CRESCVNT•I66I
Afkomstig uit VOC schip de Merestein (certificaat wordt meegeleverd). Veel zilveren rijders (dukatons) werden geslagen t.b.v. de handel in Zuidoost-Azië. Ze werden in grote aantallen verscheept door de VOC., maar bereikten niet altijd hun einddoel. Sommige VOC-schepen werden herondekt op de zeebodem en hun ladingen konden daarom deels geborgen worden. Ook dit exemplaar is afkomstig uit zo’n scheepswrak en is aan de voorzijde duidelijk aangetast door het zoute zeewater.
VOC schip de Merestein (ook wel Meeresteyn) werd in 1693 gebouwd voor de Kamer van Amsterdam op de VOC-werf in Amsterdam. Het was een schip van het type pinas, met een lengte van circa 53 meter, een laadvermogen van 826 ton, vooral bedoeld voor specerijen zoals kruidnagel, peper en kaneel, en plaats voor een bemanning van 200-250 koppen.
De naam Merestein is ontleend aan het Kasteel Merestein bij Heemskerk, dat in de 14e eeuw en mogelijk zelfs in de 13e eeuw werd gebouwd. In 1573 werd het verwoest maar weer opgebouwd. In 1690 kocht Jacob Boreel (1630-1697) het kasteel, liet het afbreken en een nieuwe buitenplaats bouwen. Jacob Boreel was in vier jaren (1691, 1693, 1695 en 1697) burgemeester van Amsterdam. Ook in het bouwjaar van het schip Merestein. Zijn grootvader Jacob Boreel (1552-1636) was mede-oprichter van de VOC en ook daarna had de familie Boreel veel te maken met de VOC. Zijn gelijknamige neef Jacob Boreel was muntmeester (1658-1678) aan de Zeeuwse Munt te Middelburg.
Na een 3-tal succesvolle reizen op Batavia vertrok het op 4 oktober 1701 van de rede van Texel met de bestemming Batavia met Jan Stubbingh als verantwoordelijk kapitein. Aan boord bevonden zich 16 kisten met muntgeld, vooral zilveren rijders en arendschellingen om handel mee te drijven en salarissen in Azië te betalen. Op 3 april 1702 liep het aan de grond in de Salhandra Baai bij het rotsachtige eiland Jutten Eiland bij Kaap de Goede Hoop op een plaats waar het geheel onbeschut ten prooi viel aan de woeste zee. ′s Nachts brak het schip in tweeën en slechts 99 opvarenden slaagden erin aan wal te komen. Na de ramp moest, m.b.v. de eerste stuurman van de ′Merestein′, de ′Wezel′ trachten de laatste bewegingen van het ongelukkige schip te reconstrueren.
Reeds in 1728 ondernam John Lethbridge een bergingspoging. Echter zonder veel resultaat. In 1970 werd een nieuwe poging ondernomen door de broers Hayward en Williams. Zij wisten in 1971 zo′n 15.000 munten te bergen die vooral in Engeland op de markt werden gebracht. Munten die in een afgesloten kist zaten, zijn vaak nog goed bewaard gebleven, maar exemplaren die los in het water lagen, zijn in de regel zwaar aangetast door het zoute zeewater.
Originating from the VOC ship the Merestein (certificate is included). Many silver riders were minted for trade in Southeast Asia. They were shipped in large numbers by the VOC, but did not always reach their destination. Some VOC ships were rediscovered on the seabed, and their cargoes could therefore be partially salvaged. This specimen also originates from such a shipwreck and is clearly affected by salty seawater on the obverse.
Dit jaartal komt slechts sporadisch voor. Het is de tweede keer sinds 35 jaar dat wij het verhandelen. Zeer zeldzaam.
This year occurs only sporadically. It′s the second time we′ve traded it in 35 years. Very rare.
Delmonte 1019 ; Verkade 61.1 ; HNPM.28 ; Pannekeet 49 ; CNM.2.46.38 ; Davenport 4939 RR exemplaar met de gebruikelijke zwaktes van de slag en licht aangetast door het zeewater fr/zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Daalder van 30 stuivers 1684, Medemblik
gewicht 15,66gr. ; zilver Ø 38mm. muntmeester: Gerrit Schuijrmans zonder munt- of muntmeesterteken
vz. Gehelmde ridder staande naar links, geschouderd zwaard in linkerhand, het gekroonde West-Friese wapen voor zich houdend aan gelust lint welke hij in zijn rechterhand houdt, binnen een gladde cirkel, omringd door de tekst; • DEVS • FORTI • ET • SPES • NOST • kz. De gekroonde wapens van de West-Friese steden Hoorn, Enkhuizen en Medemblik verbonden met linten, daarbinnen 30 - ST – 1684, binnen een gladde cirkel, omringd door de tekst; MO:NO: - •ORDIN• - W.FRISIÆ
Door het uitblijven van daadkrachtig optreden tegen ″minderwaardig zilvergeld″ door de Staten-Generaal, besloten ook Utrecht en West-Friesland, in navolging van Zeeland, over te gaan tot de aanmunting van daalders van 30 stuiver. Het produceren van ″minderwaardig″ zilvergeld was nu eenmaal lucratiever dan het slaan van de hoogwaardige officiële statenmunten. Reeds in 1684 hadden de West-Friese steden toezegging gedaan aan muntmeester Schuijrmans, maar de officiële toestemming tot het slaan van daalders volgde pas op 19 juni 1685. Toch had muntmeester Schuijrmans de toezegging in 1684 direct aangegrepen en had hij voorlopige stempels laten vervaardigen voor de daalder. In dat jaar heeft ook al productie op bescheiden schaal plaats gevonden, alhoewel de officiële vergunning nog niet was verleend. In 1685 heeft hij de definitieve stempels laten vervaardigen, die enigszins afwijken van de voorlopige stempels van 1684.
Bij de I van FORTI (vz.) en I van FRIS (kz.) zit een kleine zilveren plug, waarmee men een klein gaatje vakkundig heeft gestopt.
Next to the I of FORTI (obverse) and I of FRIS (reverse) is a small silver plug, with which a small hole has been skillfully filled.
Delmonte 1080 ; Verkade 67.2 ; HNPM.39 ; CNM.2.46.46 ; Pannekeet 83 R Lichte zwaktes van de slag. Mooi patina. Zeldzaam.. zfr- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - 3 Gulden 1793, Enkhuizen
gewicht 33,71gr. ; zilver Ø 40,5mm. muntmeester Hessel Slijper zonder munt- of muntmeesterteken
vz. De Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed in de rechterhand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke geplaatst is op een rijkelijk versierd altaar, daaronder 1793, omringd door de tekst; HAC NITIMVR - HANC TVEMVR kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding 3 - GL, omringd door de tekst; MO:ARG:ORD:FOE:BELG:WESTF:
De Generaliteitsdriegulden heeft een officieel voorgeschreven gewicht van 31,82 gram. We zien derhalve dat deze munt bijna 2 gram te zwaar is. Kleine afwijkingen werden getolereerd, maar dit soort grote afwijkingen zijn hoogst uitzonderlijk. De waardijn, Mr. Hugo Adriaan van Bleijswijk, had de taak om stukken die te licht of te zwaar waren in te houden en weer om te laten smelten. Dit stuk heeft diens controle duidelijk gemist en is toch in circulatie gekomen. De ontvanger had dus eigenlijk een muntstuk in handen t.w.v. bijna 64 stuiver i.p.v. 60 stuiver. Ik ben nooit eerder een drieguldenstuk tegengekomen met een dergelijke grote afwijking in gewicht. Als zodanig uiterst zeldzaam.
The Generaliteitsdriegulden has an officially prescribed weight of 31.82 grams. We therefore see that this coin is nearly 2 grams too heavy. Small deviations were tolerated, but such large deviations are highly exceptional. The assayer, Mr. Hugo Adriaan van Bleijswijk, had the task of withholding pieces that were too light or too heavy and having them melted down. This piece clearly missed his inspection and entered circulation anyway. The recipient therefore actually held a coin worth nearly 64 stuivers instead of 60 stuivers. I have never before encountered a driegulden piece with such a large weight discrepancy. As such, it is extremely rare.
Delmonte 1147var. ; Verkade 69.4 ; CNM.2.46.55var. ; HNPM.46var. ; Pannekeet 110var. ; Davenport 1853var. RRR Kleine productie gerelateerde muntplaatimperfecties, doch weinig gecirculeerd exemplaar met nog enige stempelglans. pr- |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gulden 1703, Enkhuizen
gewicht 10,45gr. ; zilver Ø 32mm. muntmeester: Pieter van Romondt muntmeesterteken: zesbaldige bloem
vz. De Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed in de rechterhand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke geplaatst is op een versierd altaar, daaronder • I 7 0 3 •, omringd door de tekst; HAC•NITIMVR - HANCTVEMVR kz. Gekroond generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding I - G:, omringd door de tekst; MO˙ARG˙ORD˙FÆD˙BELGWESTF ❃
De muntslag van West-Friesland in deze periode kenmerkt zich door een uitermate slechte kwaliteit van productie. De muntstempels zijn zeer grof van vervaardiging en de muntslag zelf was vaak zwak en gebrekkig. Deze gulden is hier een mooi voorbeeld van. De grote zwaktes zijn niet ontstaan in de circulatie, maar waren al aanwezig direct na de slag, met als eindresultaat een ogenschijnlijk gesleten munt…...
Delmonte 1180 ; Verkade 70.1 ; HNPM.48 ; CNM.2.46.56 ; Pannekeet 112 Gebruikelijke zwaktes. Attractief patina. zfr/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gulden 1734, Enkhuizen
gewicht 10,29gr. ; zilver Ø 31,5mm. muntmeester Jan Knol muntmeesterteken knolraap
vz. Pallas Athene ofwel de Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed in de rechterhand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke geplaatst is op een rijkelijk versierd altaar, daaronder I734, omringd door de tekst; HAC:NITIMVR: - HANCTVEMVR• kz. Gekroond generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding I - G:, omringd door de tekst; MO:ARG:ORD:FOE:BELG:WESTFRI knolraap
stempelkenmerken: ▸interpunctie : (op beide zijden) ▸met I - G: ▸smalle vrijheidshoed
Geslagen met licht defecte muntstempels. De kleine barstjes/breukjes die in de stempels aanwezig waren zien we in reliëf terug op de munt. Het was niet ongebruikelijk dat men toch nog door bleef slaan met licht defecte muntstempels. Het vervaardigen van nieuwe stempels kostte immers tijd en geld. Kwestie van zuinigheid en besparing....
Delmonte 1180 ; Verkade 70.1 ; HNPM.48 ; CNM.2.46.56 ; Pannekeet 112 lichte zwaktes van de slag, doch weinig gecirculeerd exemplaar met veel stempelglans. pr-/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gulden 1763, Enkhuizen
gewicht 10,45gr. ; zilver Ø 32mm. muntmeester: Pieter Buyskes muntmeesterteken: haringbuis
vz. De Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed in de rechterhand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke geplaatst is op een rijkelijk versierd altaar, daaronder 1763, omringd door de tekst; HAC NITIMVR - HANC TVEMVR kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door de waarde aanduiding I - GL, omringd door de tekst; MO:ARG:ORD:FOE:BELG:WESTF: haringbuis
Muntmeester Buyskes heeft bij het kiezen van zijn muntmeesterteken duidelijk een verband gezocht met zijn familienaam. Buis was een benaming van een bepaald type zeevarend kielschip van welk de geschiedenis terugvoert tot in de middeleeuwen. Het vaartuig werd volgens bronnen in de middeleeuwen aangeduid als buza. Men veronderstelt dat daaruit de benaming buis zou zijn ontstaan. Het ging zowel om koopvaarders als om vissersschepen. Maar die laatstgenoemde waren voor Holland, West-Friesland en Zeeland veruit de meest voorkomende, vooral gericht op de haringvangst.
Delmonte 1180 ; Verkade 70.1 ; HNPM.48 ; CNM.2.46.57 ; Pannekeet 113 In het centrum ietwat zwak geslagen, doch weinig gecirculeerd exemplaar met nog enige stempelglans. zfr/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - MADURA ISLAND / SULTANATE SOUMENEP - Gulden 1791/81, Hoorn
gewicht 10,44gr. ; zilver Ø 33mm. muntmeester Hessel Slijper zonder munt- of muntmeesterteken Jaartal met Arabische 1 en gebogen 7, tweede 1 hoger geplaatst.
De normale uitvoering van de gulden 1791 is met een Romeinse I en een rechte 7. Exemplaren met een Arabische 1 en gebogen 7 zijn muntstempels van oudere datum, voornamelijk uit 1781. Guldens uit 1781 zijn tot op heden niet gesignaleerd. De muntstempels uit 1781 komen zowel voor met een Romeinse I en rechte 7 als met een Arabische 1 en gebogen 7, maar blijkbaar zijn de gemaakte muntstempels in dat jaar niet gebruikt en heeft men ze later, met wijziging van het jaartal, alsnog aangewend, in het bijzonder in 1791. De variant met de Arabische 1 en gebogen 7 is daarvan verreweg het zeldzaamste, die met Romeinse I en rechte 7 komt wel met zekere regelmaat voor. Uiterst zeldzaam.
MADURA ISLAND / SULTANATE SOUMENEP Op de voorzijde is een klop aangebracht: ovaal incusum met daarbinnen een centrale verticale lijn waaroverheen een diagonaal kruis is geplaatst. Aan de uiteinden van de lijnen bevinden zich steeds twee vertakkingen. Traditioneel worden deze instempelingen wel aan het sultanaat Soumenep op het eiland Madura toegewezen, maar daarvoor is geen enkele feitelijke grond. Wel is het aannemelijk dat het in Zuid-Oost Azië is aangebracht, voornamelijk op grotere zilverstukken (guldens en crownsizemunten) uit diverse landen en gebieden w.o. de Republiek der Zeven Provinciën, Spaans-Amerika, India, Surat, Java, Duitsland en Oostenrijk. Qua datering is de periode 1780-1810 meest aannemelijk. Over de exacte reden van het aanbrengen van deze instempeling, en door welke autoriteit, tast men nog steeds in het duister, maar het zal waarschijnlijk een soort kwaliteitskeurmerk van het zilver geweest zijn. Interessant en zeldzaam.
Traditionally, these countermarks are attributed to the sultanate of Soumenep on the island of Madura, but there is no factual basis for this. It is plausible that it was applied in South-East Asia, mainly on larger silver coins (guilders and crown size coins) from various countries and areas, including the Republic of the Seven Provinces, Spanish America, India, Surat, Java, Germany and Austria. In terms of dating, the period 1780-1810 is most likely. The exact reason for applying this countermarking, and by which authority, is still unclear, but it will probably have been a kind of quality mark of the silver. Rare and interesting.
Voor deze instempeling zie; Brunk pag.368, no.70 ; Leyten I, blz. 21 (fig.IV) ; Oerang 75 ; KM.203.1 (page 994) ; Wiki.muntenenpapiergeld, klop E 55. Zeldzaam.
Delmonte - (vgl. 1180) ; vgl. Verkade 70.1 ; vgl. HNPM.48 ; vgl. CNM.2.46.57 ; vgl. Pannekeet 113 RRR attractief exemplaar met een mooi patina zfr/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - MADURA ISLAND / SULTANATE SOUMENEP - Gulden 1794, Enkhuizen
gewicht 10,35gr. ; zilver Ø 31,5mm. muntmeester Hessel Slijper zonder munt- of muntmeesterteken
MADURA ISLAND / SULTANATE SOUMENEP Op de voorzijde is een klop aangebracht: ovaal incusum met daarbinnen een centrale verticale lijn waaroverheen een diagonaal kruis is geplaatst. Aan de uiteinden van de lijnen bevinden zich steeds twee vertakkingen.
Traditioneel worden deze instempelingen wel aan het sultanaat Soumenep op het eiland Madura toegewezen, maar daarvoor is geen enkele feitelijke grond. Wel is het aannemelijk dat het in Zuid-Oost Azië is aangebracht, voornamelijk op grotere zilverstukken (guldens en crownsizemunten) uit diverse landen en gebieden w.o. de Republiek der Zeven Provinciën, Spaans-Amerika, India, Surat, Java, Duitsland en Oostenrijk. Qua datering is de periode 1780-1810 meest aannemelijk. Over de exacte reden van het aanbrengen van deze instempeling, en door welke autoriteit, tast men nog steeds in het duister, maar het zal waarschijnlijk een soort kwaliteitskeurmerk van het zilver geweest zijn. Interessant en zeldzaam.
Traditionally, these countermarks are attributed to the sultanate of Soumenep on the Island of Madura, but there is no factual basis for this. It is plausible that it was applied in South-East Asia, mainly on larger silver coins (guilders and crown size coins) from various countries and areas, including the Republic of the Seven Provinces, Spanish America, India, Surat, Java, Germany and Austria. In terms of dating, the period 1780-1810 is most likely. The exact reason for applying this countermarking, and by which authority, is still unclear, but it will probably have been a kind of quality mark of the silver. Rare and interesting.
Voor deze instempeling zie; Brunk pag.368, no.70 ; Leyten I, blz. 21 (fig.IV) ; Oerang 75 ; KM.203.1 (page 994) ; Wiki.muntenenpapiergeld, klop E 55.
Delmonte 1180 ; Verkade 70.1 ; HNPM.48 ; CNM.2.46.57 ; Pannekeet 113 attractief exemplaar met een mooi patina zfr+ |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - ½ Gulden 1725, Hoorn
gewicht 6,78gr. ; goud Ø 27mm. Afslag in goud op gewicht van 2 dukaten. Zeer verzorgde slag met fijne details. muntmeesterteken knolraap (Jan Knol)
vz. De Nederlanse maagd staande frontaal met speer in haar rechterhand met vrijheidshoed op top, haar linkerarm leunend op een bijbel dat geplaatst is op een altaar, omringd door de tekst HAC•NITIMVR - HANC•TVEMVR, •1725• in de afsnede kz. Gekroond wapenschild met daarbinnen de generaliteitsleeuw staande naar links met zwaard en pijlenbundel, in het veld ½ - GL, rondom de tekst MO:ARG:ORD:FAED:BELG:WEST•F en knolraap
De tekst ′hac nitimur, hanc tuemur′ verwijst naar de bijbel, en daarmee het Christelijk geloof, en betekent ′Op haar steunen wij, haar beschermen wij′. De Nederlandse maagd staat symbool voor de Republiek der Zeven Verenige Provinciën. De vrijheidhoed staat vanzelfsprekend voor de vrijheid die de Republiek tegen Spanje bevochten heeft.
Van deze gouden afslag zijn slechts enkele exemplaren bekend. Pannekeet signaleerde 2 exemplaren (collectie Teylers Museum te Haarlem en Laurens Schulmans, veiling 25, kavel 614). Hoogst zeldzaam.
From this exceedingly rare gold ½ gulden Pannekeet listed only 2 pieces; collection Teylers Museum and Laurens Schulman, auction 25, lot 614. A stunning coin.
Delmonte 854 ; Verkade 70.3 ; HNPM.49.1 ; CNM.2.46.58 ; Pannekeet 115 (R4) RRRR fantastisch exemplaar van scherpe slag pr/unc |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Scheepjesschelling 1678, Enkhuizen
gewicht 3,14gr. ; zilver Ø 25mm. muntmeester David Hagenet
vz. Voor de wind varend Nederlands oorlogsschip; de grote vlag op het achtersteven is de Nederlandse driekleurige vlag, omringd door tekst ; DEVS FORTITVDO•ET•SPES•NOSTRA (vertaald: God is onze sterkte en hoop) kz. Gekroond landheerlijke wapen van West-Friesland, geflankeerd door de waarde aanduiding 6 - S, omringd door de tekst; MO•NO:ORDIN•WEST•FRISIÆ 1678 (voluit; Moneta Nova Ordinum West-Frisiae, vertaald: nieuwe munt van de Staten van West-Friesland)
Hoewel onderdeel van het graafschap Holland, behield de heerlijkheid West-Friesland in de volgende eeuwen toch een zekere zelfstandigheid. Een positie die het na 1581 ook behield ten tijde van de Republiek. Hoewel het een eenheid vormde met de provincie Holland en deel uitmaakte van het zgn. Noorderkwartier, bleef het als heerlijkheid toch zelfstandig functioneren. West-Friesland was dus geen zelfstandige provincie, maar genoot een dermate onafhankelijkheid dat het toch haar eigen muntslag had, gelijkwaardig aan de officiële provincies. Reeds in 1587 maakten de steden Hoorn, Enkhuizen en Medemblik de afspraak tot samenwerking ″ten eeuwigen dagen″ inzake de muntslag. De hoofdstad van het Hollandse Noorderkwartier, Alkmaar, werd daarmee buiten spel gezet voor muntslag. De muntslag zou beurtelings plaatsvinden. In het begin meestal zo om de 6 jaar, later werd dit zo om de 10 jaar. Dit zou tot 1 mei 1796 zo blijven, toen de Westfriese Munt naast Dordrecht het tweede Hollandse munthuis werd en dus ophield als zelfstandig munthuis. In 1809 werd de Westfriese Munt definitief gesloten.
Geslagen in de geoctrooieerde Munt van Enkhuizen, geëxploiteerd door de Amsterdamse juwelier Dirck Bosch. De muntstempels werden gesneden door de beroemde en kundige Amsterdamse stempelsnijder Christoffel Adolphi. Een garantie voor prachtige munten…..
Minted in the patented Mint of Enkhuizen, operated by the Amsterdam jeweler Dirck Bosch. The mint dies were cut by the skilled and famous Amsterdam die cutter Christoffel Adolphi. A guarantee for beautiful coins….
Verkade 72.4 ; Pannekeet 73 ; HNPM.81 ; CNM.2.15.8 attractief exemplaar met een mooi patina zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Duit 1780/79, Medemblik
gewicht 3,67gr. ; koper Ø 21mm. muntmeester Pieter Buyskes muntteken roos
Het jaartal 1780 is gewijzigd uit 1779. Uiterst zeldzaam.
Pieter Buyskes voerde eigenlijk het muntmeesterteken haringbuis, welke we ook steevast aantreffen op zijn munten. Waarom hij die gewoonte met de duiten van 1780 (en zilveren duiten uit 1778) heeft losgelaten, en een roos op de duiten plaatst, is onduidelijk. De roos is het muntteken van Dordrecht, en wellicht heeft hij op die manier aansluiting gezocht bij de Hollandse productie uit 1780. Feit is dat het koper op 31 augustus 1779 voor zowel de Hollandse als West-Friese duiten werd aangekocht bij de koperhandelaar Johan Wessels uit Apeldoorn. Van de 35.325 pond koper ging 12.166 naar Medemblik. Tijdens de productie is 78 pond verloren gegaan. Bij benadering zijn circa 1.837.376 stuks duiten geslagen, waarvoor 20 paar stempls zijn gebruikt. Eigenlijk had hij al in 1779 met de productie willen beginnen, en daarvoor had hij ook al muntstempels vervaardigd. Pas in 1780 kwam het werkelijk tot de productie van duiten, en de voor 1779 vervaardigde muntstempels heeft hij omgesneden naar 1780.
Verkade 76.7 ; Purmer & van der Wiel- (vgl.3014) ; HNPM.- (vgl.71) ; CNM.2.46.101 ; Pannekeet 135 RRR zfr/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
|